21 January 2016

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits neemt actie tegen planlast

 

“Als het niet geschreven staat, bestaat het niet”. Het is één van de vele getuigenissen over planlast in het onderwijs. Leerkrachten vragen meer vertrouwen en minder papierwerk. Eindtermen kunnen duidelijker en minder talrijk, verlofstelsels zijn weinig transparant. Scholen zouden dezelfde gegevens maar één keer moeten overmaken en wat ze overmaken moeten ze ook terugkrijgen om er zelf mee aan de slag te gaan. Meer dan 700 voorstellen werden ingediend vanuit het onderwijsveld in het kader van Operatie Tarra, een initiatief van Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits om de planlast in het onderwijs te verminderen. Doel: het onderwijspersoneel meer ruimte geven voor kerntaken zoals lesgeven en begeleiding van jongeren. Minister Crevits nam reeds tientallen maatregelen, waarvan er 18 in het oog springen, om de planlast te verminderen en wil nu met een actieplan het onderwijsveld aanzetten tot concrete maatregelen. Er zal ook specifiek aandacht zijn voor het ‘schoolproof’ maken van de regelgeving buiten het onderwijs.

 

Uitgangspunt voor ‘Operatie Tarra’ is het onderzoek ‘Kom op tegen planlast’ van 2013. Daaruit bleek dat planlast het gevolg is van beslissingen op alle bestuursniveaus. Dit blijkt opnieuw uit het recente rapport. Het is daarom van cruciaal belang dat alle onderwijspartners samen duidelijke engagementen opnemen om op elk bestuursniveau de planlast te herleiden tot redelijke en zinvolle proporties.

Planlast gaat om bijkomend of nutteloos papierwerk, maar ook het geheel van ter discussie gestelde verplichtingen. Besteden we momenteel onze tijd wel aan de juiste zaken? Hoe kunnen we het werk zo organiseren dat dit wel het geval is? Op welke wijze kunnen we onze krachten bundelen? Directies, leerkrachten, netten en koepels, pedagogische begeleidingsdiensten, inspectie en sociale partners werden aangespoord om voorstellen te doen. Meer dan 700 voorstellen kwamen uit de thematische focusgroepen of belandden in de mailbox. Onder hen zowel oorzaken van planlast als concrete maatregelen om planlast te verminderen. Het eindrapport maakt een analyse van deze voorstellen.

Inventaris bronnen van planlast

Opvallend is dat schoolleiders en leraren niet zozeer verwachtingen en regels in vraag stellen, wel vaak de wijze waarop deze regels worden vertaald naar bv. papieren verantwoording. De planlastveroorzakers zijn zeer divers en op alle bestuursniveaus. Ze gaan van onduidelijke en té talrijke eindtermen of leerplandoelen tot de extra planlast door (snel evoluerende) regelgeving buiten het onderwijs, bv. rond stages, veiligheid en preventie, personeel, …

Ook bijvoorbeeld (foutieve) verwachtingen bij doorlichtingen en de juridisering van het onderwijs (examenbetwistingen, beroepsprocedures, …) zorgen voor planlast. Opmerkelijk is dat planlast ook een gevolg kan zijn van een bepaalde schoolcultuur. Waar sterke schoolleiders zijn wordt er minder planlast ervaren. Tussen de vele voorstellen vraagt het onderwijsveld ook aandacht voor het weinig transparante aanbod van verlofstelsels, de vele extra taken bovenop de lesopdracht, maar ook het niet beschikbaar en uitwisselbaar zijn van leerlingen­gegevens tussen scholen onderling of met het Centrum voor Leerlingenbegeleiding.

Voorstellen tot planlastvermindering

Het rapport geeft ook voorstellen tot planlast­vermindering mee. Onder meer het uitklaren van de relatie tussen eindtermen, leerplannen en leermaterialen, een versterking van de digitalisering, intelligente vormen van verantwoording, duidelijke communicatie vanuit de overheid, versterken van de leraren en professionaliseren van de schoolleiding. Ook de vraag om MijnOnderwijs, het digitaal platform waarlangs scholen gegevens die ze hebben bezorgd aan de overheid nadien ook terugkrijgen om zelf mee aan de slag te gaan, verder te versterken wordt gesteld. Het gaat hier bv. over de doorstroom van hun leerlingen naar het hoger onderwijs.

‘Schoolproof’ maken van regelgeving

Minister Crevits wil specifiek aandacht voor het ‘schoolproof’ maken van regelgeving buiten het onderwijs door bv. als Vlaamse overheid de impact op scholen beter in te schatten en eventuele alternatieven die meer haalbaar zijn voor te leggen. Of door dubbele gegevensbevragingen te vermijden en databanken over beleidsdomeinen heen te koppelen. De overheid kan ook raamovereenkomsten voor bv. de auteursrechten of SABAM afsluiten voor het hele onderwijsveld.

Actieplan

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits nam reeds tientallen maatregelen om de planlast te verminderen, waarvan er 18 in het oog springen. Nu wil minister Crevits via een actieplan de onderwijsverstrekkers aanzetten tot concrete voorstellen, waarbij er ook specifiek aandacht moet gaan naar het ‘schoolproof’ maken van de regelgeving buiten het onderwijs.

Samen met alle partners wordt de komende maanden een actieplan uitgewerkt. Er zijn zeven prioritaire actieterreinen vastgelegd: (1) niet-onderwijsgebonden regelgeving, (2) informatie & communicatie, (3) loopbaan, (4) kwaliteit en inspectie, (5) curriculum, (6) ondersteuning & beleidsvoerend vermogen, (7) informatisering.

Uitzondering is het actieterrein loopbaan dat volledig wordt opgenomen in het kader van het loopbaanpact. Vertrouwen, een gezond evenwicht tussen autonomie en verantwoording en een duidelijke afbakening van de kern­opdracht van leraren staan voorop.

De vaststellingen uit het rapport bevestigen bovendien de richting waarin lopende beleidsdossiers kijken: inspectie 2.0, het duaal leren, het maatschappelijk debat rond de eindtermen, het Masterplan Scholenbouw, het loopbaandebat, de versterking van de lerarenopleiding, de modernisering van het secundair onderwijs, … .

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits: “Meer vertrouwen en minder papierwerk zijn absolute beleidsprioriteiten. Scholen en leraren moeten de ruimte krijgen voor hun kerntaken zoals lesgeven en begeleiding van kinderen en jongeren. De vele voorstellen en suggesties tonen een grote betrokkenheid vanuit het onderwijsveld. Nu moet iedereen aan de slag om niet alleen op papier, maar ook voelbaar in de klas en op school het verschil te maken. Dat is niet enkel iets van scholen of de overheid alleen, maar een collectieve verantwoordelijkheid. Er rekenen meer dan 185.000 leraren, directeurs en begeleiders op ons. Het is ook van belang dat de regelgeving buiten het onderwijs ‘schoolproof’ wordt.”

 

bijlage: eindrapport Operatie Tarra

De voorbije maanden nam minister Crevits reeds tientallen maatregelen om de planlast te verminderen, waarvan er 18 in het oog springen:

 

Afgeschaft wegens overbodig

 

1.          Automatische taalondersteuning anderstalige nieuwkomers (Onderwijsdecreet 26)

Bij anderstalige nieuwkomers valt de verplichte screening van de Nederlandse taal weg. Alle leerlingen worden gescreend wanneer zij voor het eerst instromen in het gewoon lager onderwijs. Bij anderstalige nieuwkomers is deze screening overbodig wegens geen kennis van het Nederlands. Zij krijgen automatisch taalondersteuning op maat.

 

2.         Recht op verminderd inschrijvingsgeld deeltijds kunstonderwijs hoeft niet meer gestaafd met een attest van het kinderbijslagfond

18- tot 24 jarigen van het deeltijds kunstonderwijs hebben voortaan recht op het verminderde tarief. Studenten hoeven geen attest meer voor te leggen van het Kinderbijslagfonds. Dat betekent minder administratieve planlast voor de secretariaten van de scholen.

 

3.         Afschaffing overbodige melding bij wijziging programmatie deeltijds beroepssecundair onderwijs (Onderwijsdecreet 26)

In het deeltijds beroepssecundair onderwijs kan het opleidingsaanbod binnen het centrum voortdurend wijzigen, mits centra een maand op voorhand aan Agentschap voor Onderwijsdiensten (Agodi) de nieuwe programmatie bekend maken. Dat wordt nu afgeschaft wegens overbodig. Agodi kan namelijk in het leerlingenregistratiesysteem het bestaande opleidingsaanbod op ieder moment raadplegen. Het centrum moet ook niet langer bewijsstukken van lokale of regionale inspraak rond de programmatie van opleidingen bezorgen aan de overheid. Het volstaat die ter beschikking te houden in het centrum.

 

4.         Afschaffing van overbodig medisch onderzoek bij instap buitengewoon onderwijs (onderwijsdecreet 25).

Tijdens een bijzonder consult (medisch onderzoek) onderzoekt het Centrum voor Leerlingenbegeleiding leerlingen uit het buitengewoon onderwijs vóór ze instappen in het buitengewoon onderwijs of onmiddellijk daarna. Die medische onderzoeken kwamen bovenop de andere medische onderzoeken. Die bijzondere consulten worden daarom vanaf het schooljaar 2015-2016 opgeheven. Als extra medisch onderzoek nodig is, dan kan dat altijd uitgevoerd worden.

 

5.         Toelatingsvoorwaarden lager onderwijs (Onderwijsdecreet 26)

Bij de toelatingsvoorwaarden voor het lager onderwijs vermeldt de regelgeving nu zowel de leeftijd als het aantal jaren onderwijs die de leerling gevolgd heeft. Dat maakt het geheel complex en leidt soms tot onduidelijkheden. Tellen bijvoorbeeld de jaren lager onderwijs die kinderen hebben gevolgd in het buitenland mee? Bij veelvuldige schoolwissels moeten scholen bovendien veel tijd investeren in het achterhalen van de historiek van de schoolloopbaan. Daarom zal in de toekomst de voorwaarde van aantal jaren geschrapt worden.

 

Afgeschaft wegens geen effect

 

6.         Geen doktersbriefje vòòr en na vakantie

De verplichting voor leerplichtige leerlingen van basisonderwijs en voor alle leerlingen secundair onderwijs om een afwezigheid om medische redenen in de week voor en de week na een schoolvakantie steeds te staven met een doktersattest, werd opgeheven sinds 1 september 2015. Dit betekent dat een attest van de ouders volstaat. Die verplichting is in het verleden ingevoerd als een maatregel tegen het zogenaamde luxeverzuim. Dit zal nu aangepakt worden binnen het kader van het ruimer en geïntegreerd plan “Samen tegen Schooluitval” rond spijbelen, leerrecht en vroegtijdig schoolverlaten.

 

7.          Geen waarschuwingsbrieven meer

In maart 2014 werden nog 11.000 waarschuwingsbrieven verstuurd naar ouders om hen mee te delen dat hun kind het vorige schooljaar onregelmatig aanwezig was. De brief waarschuwt de ouders dat als dit 2 jaar na elkaar gebeurt, ze hun recht op een schooltoelage kunnen verliezen. Die brieven worden niet meer verstuurd omdat ze hun doel te vaak misten. Wanneer er effectief een terugvordering dient te gebeuren, wordt er uiteraard wel een brief gezonden naar de ouders. Sensibiliseren en informeren van ouders is van groot belang.

 

Afgeschaft wegens automatisering/digitalisering

 

8.         Elektronisch salarisbriefje en pensioendossiers

Sinds 1 september 2015 verdween het papieren loonbriefje en is de elektronische loonbrief de norm. Het Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgoDi) schat dat vrij snel meer dan 120.000 personeelsleden of bijna 70 procent van het personeelsbestand de elektronische loonbrief zal ontvangen. De historische gegevens van het onderwijspersoneel zijn gedigitaliseerd en overgemaakt aan de federale pensioendienst voor de overheidssector. Via enkele kliks kan ieder personeelslid in het onderwijs op MyPension.be (federale website) vinden wanneer hij/zij ten vroegste op pensioen kan vertrekken. Onderwijs maakt zo mee werk van een klantvriendelijke en duurzame dienstverlening en maximale efficiëntie.

 

9.         Administratieve vereenvoudiging Aangifte Sociale Risico’s

De Aangifte van Sociale Risico’s (werkloosheid, ziekte-uitkering, arbeidsongevallen) wordt administratief vereenvoudigd. Scholen moesten tot nog toe de aangiftes op papier bezorgen aan diverse instellingen van de sociale zekerheid. In de loop van 2016 worden heel wat formulieren vervangen door digitale aangiften. Het Agentschap voor Onderwijsdiensten (Agodi) en het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenen¬onderwijs, Kwalificaties en Studietoelagen (AHOVOKS) zullen deze administratieve verplichting zo veel mogelijk overnemen van de onderwijs-instellingen en de nodige gegevens rechtstreeks aan de instellingen van de sociale zekerheid bezorgen.

 

10.        Elektronische registratie van overdracht van niet aangewende personeelsmiddelen of leraarsuren (Onderwijsdecreet 25)

Onder bepaalde voorwaarden kunnen Centra voor Basiseducatie en Centra voor Volwassenenonderwijs niet-aangewende personeelsmiddelen of leraarsuren overdragen naar het daaropvolgende schooljaar of naar een ander centrum. Die overdrachten moeten bij de administratie geregistreerd worden. Met de elektronische databank DAVINCI kan de registratie eenvoudiger en sneller verlopen. Hierdoor kan de deadline verlaat worden. Een verschuiving van de deadline laat centra toe om gebruik te maken van opportuniteiten die zich nog in de mei maand voordoen.

 

11.         De nieuwe applicatie voor het elektronisch indienen van subsidiedossiers individueel vervoer

Leerlingen van het buitengewoon onderwijs die om één of andere reden geen gebruik maken van collectief vervoer, kunnen recht hebben op individueel vervoer. Een nieuwe applicatie maakt het voor scholen voor buitengewoon onderwijs mogelijk om efficiënter te werken. Heel wat gegevens (zoals de rechthebbende leerlingen, de startdata, de vervoersfrequenties en de afstanden) worden nu automatisch overgenomen uit de webapplicatie. Dat bespaart scholen heel wat opzoek- en overschrijfwerk. Leerlingen waarvoor al een subsidie werd aangevraagd, verdwijnen nadien ook automatisch uit deze lijst.

 

Vereenvoudiging

 

12.        Vereenvoudiging aanvraag studietoelage

Er zijn concrete acties genomen om ervoor te zorgen dat iedereen die recht heeft op een toelage die ook effectief krijgt. Een eerste initiatief is het nieuwe vereenvoudigde aanvraagformulier. Er is een ontwerp gemaakt dat van 6 of meer naar 2 pagina’s gaat. Dat maakt het gemakkelijker voor wie een school- of studietoelage aanvraagt en het houdt een vermindering in van planlast voor ouders, scholen en andere partners die mensen ondersteunen bij het indienen van een aanvraag.

Een tweede initiatief is om stappen te zetten in de automatisering van de school- of studietoelage. Het vangnet van wie de voorbije twee jaar een toelage kreeg, maar halverwege het schooljaar nog geen aanvraag heeft ingediend, wordt uitgebreid. De afdeling studietoelagen schrijft elk schooljaar meer mensen aan met de vraag of zij ook dit jaar een toelage willen en bezorgt hen hierbij een vooraf ingevuld formulier. Deze proactieve screening of semi-automatische aanpak blijkt alvast te werken en neemt elk jaar toe. Dit schooljaar 2015-2016 worden er om en bij 100.000 dossiers proactief opgestart en aangeschreven.

 

13.        Vereenvoudiging toelating voor Geïntegreerd onderwijs (GON) of buitengewoon onderwijs

Om leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften toegang te geven tot GON (Geïntegreerd Onderwijs)-ondersteuning in het gewoon onderwijs of tot het buitengewoon onderwijs volstaat een gemotiveerd verslag. Voorheen waren er drie verschillende verslagen nodig. Het attest, het protocol ter verantwoording en het integratieplan werden nu in één document geïntegreerd. Het sjabloon daarvoor werd netoverschrijdend ontwikkeld door de CLB-sector zelf in overleg met de onderwijsverstrekkers en met de overheid.

 

14.        Vereenvoudiging toegang ondersteuning personen met een handicap in het Deeltijds Kunstonderwijs (Onderwijsdecreet 26)

Personen met een handicap kunnen binnen het Deeltijds Kunstonderwijs een lessenpakket op maat krijgen. Voor jongeren stelt zich meestal geen probleem op vlak van bewijslast, voor volwassenen wel. Enkel een attest van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH) geeft hen toegang tot zowel een tegemoetkoming in het inschrijvingsgeld als een aangepast lessenpakket. Wie enkel beschikt over een tegemoetkoming vanuit bv. het RIZIV of de FOD Sociale Zekerheid kan geen aanspraak maken op een aangepast lessenpakket en moet bijkomend een attest aanvragen bij VAPH. Dat wordt nu vereenvoudigd. In de toekomst zal het volstaan om erkend te zijn door één van de instanties die binnen Vlaanderen of België (of buitenlandse instanties) instaan voor de erkenning van personen met een handicap, wat minder planlast oplevert voor de cursist én de onderwijsverstrekker.

 

15.        Vereenvoudigde en versnelde berekening bijkomende uren buitengewoon secundair onderwijs.

In het buitengewoon secundair onderwijs worden de uren klassenraad of bijscholing-begeleiding nu toegekend per leerkracht (die voldoet aan bepaalde voorwaarden). Dat betekent in de praktijk dat scholen pas laat zicht krijgen op het pakket aan beschikbare uren. Het is veel eenvoudiger als de uren klassenraad of bijscholing-begeleiding kunnen berekend worden en samen met het lesurenpakket kunnen worden toegekend. Op die manier heeft de school al het voorafgaand schooljaar een zicht op het volledige urenpakket en niet in de loop van oktober/november van het al gestarte schooljaar.

 

16.        Vereenvoudiging procedure vestigingsplaatsen (onderwijsdecreet 25).

Bij de ingebruikname van een nieuwe vestigingsplaats zal een school enkel een melding moeten doen en niet langer een hele reeks documenten moeten invullen. De melding houdt in dat alles in orde is en dat infrastructuur voldoet aan geldende voorschriften : hygiëne, veiligheid, bewoonbaarheid. Inspectie vooraf is niet meer nodig. De controle volgt uiteraard, maar bij de gewone doorlichting van de school.

 

Kwaliteitszorg 2.0

 

17.        Kwaliteitszorg in het hoger onderwijs

Een wijziging aan de Codex Hoger Onderwijs moet zorgen voor de overgang naar een meer geïntegreerd systeem voor externe kwaliteitszorg in het hoger onderwijs, om de autonomie van de instellingen fundamenteel te versterken.  Daarom wordt in dit systeem gekozen voor een instellingsaccreditatie. In een dergelijk stelsel worden de opleidingen van een geaccrediteerde instelling niet bijkomend extern beoordeeld en geaccrediteerd. De combinatie van een instellingsreview met een opleidingsbeoordeling bleek een zware werkbelasting.

 

18.        Inspectie 2.0

De onderwijsinspectie ontwikkelt tegen het einde van het schooljaar 2015-2016 een nieuw doorlichtingssysteem, waarbij de kwaliteitsverwachtingen duidelijker worden gemaakt. Hierbij zal de eigen kwaliteitszorg van de school een meer centrale rol krijgen in het toezicht door de onderwijsinspectie. Ondertussen neemt de onderwijsinspectie al vanaf dit schooljaar initiatieven om de planlast te verminderen. Dat gaat over heldere communicatie over het verloop van een doorlichting van een school, screenen van documenten en acties om het bewustzijn van inspecteurs te versterken om de druk voor de scholen te verlichten. Zo roept de inspectie bijvoorbeeld scholen op om niet langer bergen papier klaar te leggen bij een doorlichting.

Categorie: 
 

Volg mij ook via

twitter

Foto's op Flickr

www.flickr.com
hilde.crevits' items Go tohilde.crevits' photostream