Meer dan 8 op de 10 leerlingen halen op het einde van het basisonderwijs de eindtermen voor begrijpend lezen en luisteren. Meisjes doen het opvallend beter dan jongens. Jongeren die Nederlands niet als thuistaal hebben, halen moeilijker de eindtermen. Voor lezen en luisteren zijn de resultaten minder goed dan in 2013 toen nog 9 op de 10 leerlingen de eindtermen haalden. Er is ook een verband tussen de resultaten van de peiling en het handboek dat gebruikt wordt. Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits pleit voor een grotere openheid om resultaten van peilingen te delen met de pedagogische begeleidingsdiensten en onderwijsinspectie om zo scholen te begeleiden naar een betere kwaliteitscultuur.

De peiling Nederlands werd op 31 mei 2018 afgenomen bij 3.119 leerlingen uit 119 basisscholen verspreid over Vlaanderen. Met deze peiling werden de leerprestaties voor lezen, luisteren en schrijven in het Nederlands in kaart gebracht. Ook werden de resultaten voor lezen en luisteren vergeleken met de resultaten van de peiling Nederlands van 2013 en 2007.  De peiling bestond uit twee schriftelijke toetsen en een praktische proef. De eerste schriftelijke toets werd gebruikt om de vaardigheid lezen in het Nederlands te meten. De tweede toets had betrekking op de vaardigheid luisteren. Tijdens de praktische proef schrijven moesten de leerlingen tonen in welke mate ze doelgericht en met gepaste woordenschat teksten kunnen schrijven zonder fouten te maken tegen de grammatica- en spellingsregels. Scholen die hebben deelgenomen aan de peiling worden geïnformeerd over de prestaties van hun leerlingen zodat ook daar, op schoolniveau, aan de onderwijskwaliteit kan worden gewerkt.

Resultaten lezen, schrijven en praktische proef

De resultaten van de toets lezen en de toets luisteren zijn gelijklopend. Zo haalt 84% van de leerlingen de eindtermen lezen terwijl 82% de eindtermen luisteren beheerst op het einde van de lagere school. Zowel voor lezen als luisteren zijn de resultaten minder goed dan in 2013. Toen behaalde 92% van de leerlingen de eindtermen voor lezen en 87% van de leerlingen de eindtermen voor luisteren. In 2007 behaalde 89% de eindtermen voor lezen en 87% voor luisteren.

De resultaten van de praktische proef tonen aan dat drie vierde van de leerlingen doelgericht een oproep of een brief met instructies kunnen schrijven. Daarnaast kan ongeveer de helft van de leerlingen een uitnodiging of een verslag schrijven met een duidelijk uitnodigend of informatief karakter. Wat betreft het respecteren van de grammaticaregels, slaagt iets meer dan de helft van de leerlingen erin om vormelijk correcte zinnen te formuleren bij het schrijven van een tekst. Ongeveer 75% van de leerlingen kan de spellingsregels correct toepassen bij het schrijven van verschillende soorten teksten zoals een oproep, een verslag, een brief en een uitnodiging.

Voor alle toetsen halen meisjes vaker de eindtermen voor Nederlands dan jongens. Wat betreft thuistaal tonen de resultaten dat leerlingen die Nederlands niet als thuistaal hebben minder goede resultaten halen. Daarnaast is er ook een samenhang tussen sociaal-economische status (SES) en de verschillen in taalvaardigheid van de leerlingen. Leerlingen uit een gezin met een hoge SES halen vaker de eindtermen dan leerlingen uit een gezin met een gemiddelde of lage SES. Verder tonen de resultaten aan dat hoe meer onderwijservaring de leraar heeft, hoe beter de prestaties van de leerlingen zijn voor lezen. Er is ook een verband tussen de resultaten die leerlingen halen en het handboek dat gebruikt wordt.

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits: “Dat meer dan 8 op de 10 leerlingen de eindtermen Nederlands beheersen is nog steeds goed en toont aan dat onze leraren knap werk leveren. Toch komen er ook een aantal duidelijke aandachtspunten naar boven. Zo zien we dat kwetsbare leerlingen en leerlingen die Nederlands niet als thuistaal hebben minder goede resultaten halen. Ook is er een verband tussen de resultaten die leerlingen halen en het handboek dat gebruikt wordt. Het is belangrijk dat scholen actief werk maken van het versterken van de kwaliteitscultuur, leerwinst bij elke jongere in kaart brengen en dat de resultaten van elke peiling gedeeld worden met de pedagogische begeleidingsdiensten en de onderwijsinspectie.”

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookies Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.