Eén op de vijf kleuters in het onderwijs heeft een risico om te leven in kansarmoede. “Die kinderen doen het vaak minder goed op school. Daarom passen we de lerarenopleiding aan en leren we leerkrachten bepaalde signalen van armoede te herkennen”, zegt minister Crevits.

Soms zijn die signalen duidelijk. “Eens kijken in de brooddoos, nagaan of het kind dik genoeg is aangekleed of op de hygiëne letten. Maar we hechten in de opleiding ook belang aan de minder opvallende signalen van armoede. Een kind dat niet goed oplet in de klas, is daarom niet per se ongeïnteresseerd. Het kan ook aan de ongezonde voeding liggen, waardoor het kind snel is uitgeput”, aldus Crevits.

Maar ook voor de omgang met arme kinderen krijgen de leerkrachten in spe richtlijnen. Bijvoorbeeld: vraag nooit wat een kind van Sinterklaas heeft gekregen. Of: laat kinderen niet te veel dingen van thuis meenemen. Zo kan het een opdracht zijn om exotisch fruit mee te brengen, terwijl sommige kinderen daar geen toegang tot hebben. “Zulke situaties kan je dus maar beter vermijden”, klinkt het advies tijdens de opleiding.

“De opleiding voor kleuteronderwijzers gaat zeker effect hebben”, zegt Tamara Sinia, directrice van de Gentse Sint-Salvator-school. “Ze staan sowieso heel dicht bij de ouders omdat die hun kinderen vaak in het klaslokaal zelf komen afzetten, en niet aan de schoolpoort. Het contact met de ouders is daardoor intenser.”

“Een lege brooddoos, slechte schoenen, ... Het kunnen goede indicatoren zijn. Ze zeggen vaak al veel over de thuissituatie van een kind. Het probleem oplossen is een volgende stap. Essentieel is een goed contact met de ouders. Je kunt ze erover aanspreken, zonder hen te stigmatiseren. De ervaring leert dat ouders daarvoor openstaan.”

“Armoede herkennen in de klas kan niet vroeg genoeg beginnen”, vindt ook Ides Nicaise, onderwijsexpert van de KU Leuven. “In een kleuterklas is de diversiteit aan kinderen het grootst: je zit er met alle lagen van de bevolking.” Maar minister ­Crevits beseft ook dat de school armoede niet kan verhelpen. Daarvoor is een samenwerking nodig tussen de Centra Voor Leerlingenbegeleiding, het OCMW en andere hulpinstanties.

Wim Brillouet

Inhoud ↑

Copyright © 2015 Corelio. Alle rechten voorbehouden

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookies Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.