21 augustus 2015

Iedereen aan de drums (zonder eerst een jaar notenleer)

 

"Heel frustrerend waren die eerste twee jaar." Toen de jonge Bent Van Looy als achtjarige naar de muziekacademie in zijn dorp trok, droomde hij al van een grootse carrière als drummer. Van zijn band Das Pop was nog lang geen sprake, maar in zijn garage had hij al met potten en emmers een drumstel gebouwd. Wat was het balen dat hij zich eerst door twee jaar notenleer moest worstelen. Zolang moest hij wachten voor hij met zijn gedroomde instrument aan de slag kon. Dat was toen de regel, nu is het nog één jaar. "Muziek leer je niet door met je neus in de boeken te zitten", weet Van Looy. "Hoe sneller je met een instrument in aanraking komt, hoe beter."

Van Looy, die voor de rest helemaal geen spijt heeft van zijn klassieke opleiding, is lang geen alleenstaand geval. Veel kinderen haken zelfs af voor ze aan het 'echte werk' beginnen. Afgeschrikt door moeilijke notenbalken en dikke muziekboeken.

Dat kan anders en beter, beseft ook minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V). Ze geeft de teken-, muziek-, dans- en theateracademies een grondige facelift. Net voor de zomer keurde de Vlaamse regering haar beleidsnota deeltijds kunstonderwijs (DKO) goed. Vandaag stelt ze die voor aan sector.

Zonder veel poespas

Momenteel volgen er ruim 175.000 leerlingen DKO, van wie ruim 132.000 jongeren. Omgerekend is dat één op de zes leerlingen. De cijfers stijgen al jaren. Haar doel: dat aantal nog opkrikken.

Het niet langer verplichten van het eerste jaar notenleer is maar een van de elementen in haar uitgebreide plan. In de eerste plaats wil ze de academies meer autonomie geven bij het inrichten van het lessenpakket. Meteen met een instrument beginnen? Moet kunnen dus, zeker als dat het aantal leerlingen dat vroegtijdig afhaakt indijkt. Die notenleer volgt dan later wel in de klas.

Tegelijk maakt ze komaf met de zogenoemde 'programmatiestop'. Als een academie een nieuwe studierichting Dans wil organiseren, moet ze daarvoor een hele administratieve mallemolen doorlopen vooraleer ze een uitzondering verkrijgt. In het plan van Crevits kunnen ze dat nu zelf beslissen. "Zij weten best wat de vraag is", zegt Crevits. Als er in de omgeving van Dranouter een folkopleiding moet komen, kan de muziekacademie dat nu zonder veel poespas ook doen.

Dat wil niet zeggen dat alles zomaar mogelijk is. Tegelijk wil de regering de eindtermen versterken, zodat het uiteindelijke diploma ook echt iets waard kan zijn op de arbeidsmarkt. Iemand met een opleiding fotografie zou daarmee ook een job moeten kunnen vinden.

Een andere manier om meer leerlingen te trekken, is de academies dichter bij de reguliere scholen te brengen. Een leerkracht uit het DKO Beeldende Kunst die in de lagere school een paar uurtjes knutselles komt geven, moet de leerlingen prikkelen om zich in te schrijven voor de opleiding.

Een andere optie: zet de academies in dezelfde gebouwen als de scholen. "Zo kunnen leerlingen na de schooluren pianoles volgen", zegt de minister. "De nieuwe scholen die we bouwen in het kader van de Scholen van Morgen zullen sowieso multifunctioneel zijn." Het idee past bovendien in het concept van de 'brede school', waarbij kinderen niet alleen naar school gaan om les te volgen, maar er ook tal van andere activiteiten doen.

Achter die concrete voorbeelden zit ook een institutioneel verhaal. Het DKO wordt verder verankerd onder de koepel Onderwijs. Dat betekent dat ze qua budgetten voor scholenbouw of personeel kunnen putten uit het algemene potje. Iets waar de sector erg tevreden mee is.

Het gaat om een voortzetting van de laatste grote hervorming in 1989. "Tot dan vielen alle academies onder het departement Cultuur", legt Patriek Delbaere uit. Hij is voorzitter van de OVSG, de koepel van het stedelijk en gemeentelijk onderwijs dat verantwoordelijk is voor 90 procent van de academies. "Toen was kunstonderwijs alleen voor de happy few, met lange wachtrijen voor bepaalde opleidingen."

Een eerste golf van democratisering is toen ingezet, nu moet een tweede volgen. "Nu zitten er voornamelijk kinderen uit de middenklasse in de opleiding", geeft Delbaere toe. Met andere woorden, ook de kansarme jeugd moet eindelijk aansluiting vinden met het kunstonderwijs.

Erg belangrijk, vindt Crevits. Cultuuronderwijs is cruciaal voor de algemene ontwikkeling van het kind, wijst een recent OESO-rapport uit. Ook wie later ingenieur of schrijnwerker wordt, is gebaat bij het feit dat hij creatief en buiten de lijntjes heeft leren denken.

Alleen, hoe krijg je die kansengroepen ook mee? Terwijl het inschrijvingsgeld voor volwassenen vanaf 1 september wordt verhoogd, kiest Crevits er expliciet voor om het jongerentarief ongemoeid te laten. Een jaar les kost nu 62 euro, 40 euro voor het tweede kind in het gezin.

Lijkt weinig, maar voor wie het niet breed heeft, toch voldoende om weg te blijven. Sommige scholen hebben nog een apart sociaal tarief, waarbij de stad of de gemeente bijspringt. Ook het materiaal kan een kostelijke zaak zijn: koop maar eens een nieuwe viool. Ook daar stellen sommige scholen hun materiaal ter beschikking.

Broekriem aanhalen

Alleen, zowel de gemeenten als de Vlaamse overheid moeten fors de broekriem aanhalen. De regering maakt jaarlijks een budget van 228 miljoen euro vrij, maar dat bedrag wordt voorlopig niet opgetrokken. Ook niet als er, zoals beoogd, massaal veel extra leerlingen toestromen. Want meer leerlingen betekent, meer leerkrachten en meer materiaal en dus meer kosten.

"De instellingen zullen creatief met hun budgetten moeten omspringen en kijken waar een en ander slimmer georganiseerd kan worden", zegt Crevits. "We waken erover dat de lessen niet aan kwaliteit inboeten." Bij de vorige hervorming werd het aantal leerlingen per leerkracht uitgebreid. Van individuele begeleiding ging het naar lessen in kleine klasjes. "Er zit misschien nog marge op", zegt Delbaere. "Maar over de budgetten zal nog een pittig woordje gesproken worden."

De onderwijskoepels reageren in elk geval positief op de plannen van Crevits. Veel van de vernieuwingen hadden ze zelf al ingezet via proefprojecten. Sommige academies plannen al regelmatig bezoekjes aan lagere scholen, enkele andere bieden al vanaf het eerste jaar les met muziekinstrumenten aan. Alleen moeten ze daar nu nog altijd een uitzondering voor vragen.

Toch blijven er nog heel wat vragen. Wat met het toegekende diploma? Zal het even veel waard zijn als een diploma uit het reguliere kunstonderwijs? En zijn de leerkrachten wel klaar voor de nieuwe instroom? In hun opleiding hadden ze alle nieuwe snufjes ter beschikking. Nu al worden ze in steden als Gent of Antwerpen geconfronteerd met kinderen die de taal weinig machtig zijn, laat staan geld hebben voor het beste materiaal. Moeten de leraars in hun opleiding niet beter voorbereid worden op zulke situaties? En wat met de volwassenen? Ook zij volgen DKO-opleidingen, maar komen amper aan bod in de visienota.

Crevits begint nu een grote overlegronde met de sector om die zaken uit te klaren. Tegen 1 september 2018 ten laatste moet de hervorming definitief ingaan.

ROEL WAUTERS

Inhoud ↑

Copyright © 2015 De Persgroep Publishing. Alle rechten voorbehoude

Categorie: 
 

Volg mij ook via

twitter

Foto's op Flickr

www.flickr.com
hilde.crevits' items Go tohilde.crevits' photostream