18 april 2017

Nieuwe klassen voor 2.500 West-Vlaamse leerlingen

 

TORHOUT. Het is onderwijsminister Hilde Crevits duidelijk menens met haar inhaalbeweging om onze schoolgebouwen te vernieuwen en uit te breiden. Ze schakelt nu nog een versnelling hoger door de uitbreiding van het systeem van huursubsidies. Een eerste ronde van bouwprojecten is nu goedgekeurd en daarbij scoort onze provincie bijzonder goed: van de 24 goedgekeurde dossiers zijn er maar liefst 11 West-Vlaams, samen goed voor bijna 25.000 vierkante meter schoolgebouwen.

West-Vlaanderen boven dus, maar hoe komt dat? “Voor alle duidelijkheid: de goedkeuring gebeurde op basis van diverse criteria, waarbij duurzaamheid, multifunctioneel gebruik en dwingende behoefte aan onderwijshuisvesting de belangrijkste zijn”, benadrukt onderwijsminister Hilde Crevits. “Maar het was nu eenmaal een feit dat er na onze open oproep aan de schoolbesturen, waarop ongeveer 40 reacties kwamen, opvallend veel West-Vlaamse dossiers werden ingediend. Dat toont aan dat de West-Vlaamse schoolbesturen goede dossiers hebben ingediend.”

Het systeem van de huursubsidies voor schoolgebouwen bestaat al een tijdje. Maar tot nu toe kon het alleen in het kader van uitbreidingsprojecten van scholen in erkende capaciteitsgemeenten, dit zijn gemeenten waar er duidelijk schoolplaatsen te weinig zijn. Bovendien moest dit elk jaar opnieuw aangevraagd worden.

“Nu hebben we het opengesteld voor alle scholen en bedraagt de maximum huurtermijn voortaan 18 jaar. Waarmee we me meteen een volwaardig instrument van alternatieve financiering aanbieden voor nieuwe schoolinfrastructuur”, zegt minister Crevits.

Hoe werkt het?

Essentieel in deze nieuwe formule is uiteraard dat de scholen niet zelf moeten investeren in hun nieuwe gebouwen, maar die kunnen huren van iemand die ze bouwt. Dat kunnen structuren of vzw’s zijn uit het de maatschappelijke sfeer, maar evengoed privé-projectontwikkelaars.

En, anders dan bij formules van huurkoop of onroerende leasing, wordt de huurder na afloop van het contract ook geen eigenaar. Het blijft dus een zuivere huurformule, waarbij het Agentschap voor Infrastructuur in het Onderwijs de huurder een subsidie geeft. Eens alle projecten op kruissnelheid, zal de jaarlijkse subsidie-inbreng van de Vlaamse ruim 2 miljoen euro bedragen.

De huurtermijn wordt onderling geregeld tussen verhuurder en huurder, maar kan dus maximaal 18 jaar zijn. Wat er na afloop van het huurcontract verder gebeurt, is iets wat volledig losstaat van dit huurcontract. Het schoolbestuur kan bijvoorbeeld verder blijven huren maar dan zonder subsidie van de overheid, ofwel met de verhuurder een overeenkomst afsluiten om het gebouw over te kopen.

Bij dit alles rijst natuurlijk wel de vraag of het huren van gebouwen wel de nodige garantie en stabiliteit biedt naar de scholen toe. “De huurder heeft voldoende zekerheden. En er zijn hier eigenlijk geen specifieke andere risico’s dan bij ‘gewone’ huurovereenkomsten. Een belangrijke zekerheid voor de huurder is alvast dat de verhuurder er ook alle belang bij heeft om het gebouw zo lang mogelijk aan de huurder te verhuren.”

Want het gaat uiteraard toch wel om vrij specifieke gebouwen, die je niet aan om het even wie kan verhuren. Al blijkt uit de ingediende dossiers duidelijk dat schoolgebouwen tegenwoordig véél multifunctioneler zijn dan vroeger. Zo worden sporthallen vandaag de dag bij voorkeur afzonderlijk gebouwd om ze ook ten dienste te kunnen stellen van de plaatselijke gemeenschap, en in het nieuwe gebouw van de Roeselaarse centrumschool zal bijvoorbeeld de voor- en naschoolse opvang van het Roeselaarse Zorgbedrijf worden ingebouwd.

Jos Remaut

Inhoud ↑

Categorie: 
 

Volg mij ook via

twitter

Foto's op Flickr

www.flickr.com
hilde.crevits' items Go tohilde.crevits' photostream