28 februari 2018

Zorgkinderen dwingen academies tot kunstgrepen

 

Het aantal kinderen met zorgbehoeften in muziek-, teken- en dramascholen allerhande zit in de lift. Sinds hun ingang er in 2014 mogelijk werd gemaakt, stapten bijna 1.000 zorgleerlingen in. Alleen, de middelen om hen in het deeltijds kunstonderwijs voldoende te ondersteunen, zijn beperkt.

"Sinds enkele jaren volgt hier een meisje met speciale noden les", zegt Heidi Jacobs van de Stedelijke Academie Muziek, Woord en Dans in Vilvoorde. "Sinds dit jaar zit ze in het eerste jaar van de eerste graad. Momenteel kan zij nog meevolgen in de gewone lessen notenleer, maar door haar motorische beperkingen zullen we haar op een bepaald moment extra ondersteuning moeten geven in de instrumentlessen. Dat weten we nu al en daar hebben we afspraken rond gemaakt met de ouders en leerkracht."

Het is een verhaal dat vele directeurs van muziekscholen bekend in de oren zal klinken. De afgelopen vier jaar is het aantal leerlingen dat nood heeft aan extra zorg sterk gestegen in het deeltijds kunstonderwijs (dKO). Sinds 2014 kunnen ze daar terecht. In het reguliere onderwijs is dat via het M-decreet mogelijk sinds het schooljaar 2015-2016. Concreet hebben zorgleerlingen die een attest voor het bijzonder onderwijs krijgen ook het recht om les te volgen in het reguliere onderwijsnet.

Voor het deeltijds kunstonderwijs - waar ze muziek, dans, beeldende en woordkunst kunnen volgen - geldt hetzelfde: ook daar kunnen leerlingen met zo'n attest terecht in reguliere lessen. Hetzelfde geldt voor kinderen of volwassenen die beschikken over een attest van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH). Dat kan gaan over kinderen die gedeeltelijk slechtziend zijn, maar ook over jongeren of volwassenen met het syndroom van Down.

"We zien nu ook dat steeds meer van die ouders en kinderen de weg naar het deeltijds kunstonderwijs vinden", zegt Vlaams Parlementslid Jo De Ro (Open Vld). Dat blijkt uit de cijfers die hij opvroeg bij het kabinet van Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V). Sinds het schooljaar 2014-2015 steeg het aantal zorgleerlingen in het dKO van 126 naar 922. Dat is meer dan een verzevenvoudiging in vier jaar tijd.

De cijfers geven bovendien geen volledig beeld. Het gaat om 922 leerlingen die een individueel aangepast curriculum (IAC) volgen. Zo'n IAC krijgen kinderen en volwassenen echter pas als ze "niet over de mogelijkheden beschikken om alle doelen nodig voor een diploma te behalen", zegt Kelly Huylenbroeck van de Onderwijskoepel van Steden en Gemeenten (OVSG). Een leerling kan dan in eigen tempo bepaalde vooropgestelde doelen proberen te bereiken. Welke weg hij of zij kiest, verschilt van geval tot geval en wordt in samenspraak met ouders en leerkrachten bepaald.

De norm is en blijft nog steeds inclusie: leerlingen volgen, mits ondersteuning, bij voorkeur de reguliere lessen, zoals bij het meisje in bovenstaand voorbeeld. "Wij hebben aan het begin van het schooljaar met het meisje, haar ouders en onze leerkrachten overlegd", zegt Jacobs. "Hoewel we andere instrumenten hebben besproken, leek piano ons de beste optie. Aangezien dat instrument het best bij haar mogelijkheden past."

Niet zo evident

Op de vraag of die stijging een goede zaak is, komt een weifelend antwoord uit het veld. "We willen iedereen meekrijgen, echt, maar dat is niet zo evident", zegt Cathérine Legaey van het conservatorium in Leuven. "Kinderen in een rolstoel, met een mentale beperking, kun je in kunstonderwijs dat groepsgericht is, niet altijd inpassen", beaamt Geert De Praetere van de stedelijke academie in Leuven. "Ook de andere leerlingen moeten vooruit kunnen." "De stijging is een zeer goede zaak," schetst Huylenbroeck het breder beeld, "maar enkel als de nodige ondersteuning voorhanden is." En net daar knelt het schoentje.

Veel academies hekelen dat ze voor een voldongen feit werden geplaatst. In 2014 moesten ze plots les kunnen geven aan leerlingen met specifieke zorgbehoeften, zonder dat ze daar op werden voorbereid. "Zoals wel vaker in het onderwijsveld kwam eerst de verplichting en pas later de maatregel", zucht Legaey.

"Eerst en vooral is er de pedagogische begeleiding vanuit de onderwijskoepels", verduidelijkt Huylenbroeck. Ze wijst naar het OVSG dat al jaren inzet op begeleiding van scholen en leerkrachten. "Die loopt als een trein. Daarnaast moeten er natuurlijk voldoende middelen worden vrijgemaakt door de minister." En net die blijft achterwege, klagen vele academies.

Een vaak gehoorde klacht is dat het aantal lesuren dat ze wettelijk gezien aan zorg kunnen besteden te beperkt is. "Het is creatief omspringen met te weinig middelen", klinkt het bij Bart Stevens van de Gemeentelijke Academie in Grimbergen. Zoals ze op het kabinet-Crevits altijd zeggen: 'Jullie zijn toch de creatieve sector, het moet toch lukken om creatieve oplossingen te vinden.'"

Bart Janssens van de muziekacademie in Asse geeft het voorbeeld dat hij een leerkracht algemene muzikale vorming moest vrijstellen van zijn taak om ondersteuning te kunnen bieden. Ook hebben leerkrachten niet altijd de juiste ervaring of opleiding, al zijn ze vaak bereid om veel moeite te doen.

Nieuw basisdecreet

Het nieuwe basisdecreet dat vandaag gestemd wordt, maakt 3,4 miljoen euro vrij voor het deeltijds kunstonderwijs. "Al zijn er specifiek voor zorg op dit moment geen extra middelen", reageert Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V). "Maar dat is wel een prioriteit voor de komende maanden."

De Ro vraagt de minister dan ook om meer samenwerking tussen het deeltijds kunstonderwijs en het reguliere onderwijsnet te versterken. "Zo kunnen de mensen die deze leerlingen begeleiden in het gewone onderwijs ook tips of vorderingen communiceren naar de leerkrachten in het dKO", zegt hij.

keer meer zorgleerlingen in vier jaar tijd zitten er nu in het dKO

PIETER GORDTS

Inhoud ↑

Categorie: 
 

Volg mij ook via

twitter

Foto's op Flickr

www.flickr.com
hilde.crevits' items Go tohilde.crevits' photostream