18 februari 2016

Opinie in De Morgen : Het klikt best met de hogescholen

 

 

Vlaamse hogescholen staan niet bekend als armoezaaiers. Op hun campussen staan knappe gebouwen. Op de SID-in-beurzen zetten ze met moderne stands hun aantrekkelijk aanbod in de markt. En dat de kwaliteit daalt omdat er te veel studenten en te weinig middelen zijn? Dat zullen weinig docenten bevestigen: kwaliteit en passie is hun drijfveer. Een succesformule, zo blijkt: hogescholen zijn bij studiekiezers populairder dan ooit. Bovendien stellen ze zich constructief op als het gaat over inzetten op een betere studiekeuze, de versterking van de lerarenopleiding of de opleiding verpleegkunde, het mee uitbouwen van het hoger beroepsonderwijs...

Krijgen hogescholen voor al die inspanningen voldoende overheidsmiddelen? Het aantal professionele bachelorstudenten steeg in tien jaar met 40 procent. De grootste toename was er tussen 2008 en 2012, terwijl het budget pas later volgde. Als de noden zoveel sneller stijgen dan de centen, dan daalt het bedrag per student. Staat het water hen nu aan de lippen, dan stond het hen in 2011 al aan de neus. Op dat moment bereikte het bedrag per student immers zijn dieptepunt.

De moeilijke budgettaire context bij de start van deze legislatuur liet niet toe om het budget in 2015 en 2016 te laten toenemen zoals voorzien: de groei werd uitgesteld, de inhaalbeweging viel stil. De hogescholen kregen wel extra inkomsten uit het aangepaste studiegeld: minstens 20 miljoen euro. Voor één keer was het ook financieel een goede zaak dat de studentenaantallen bleven toenemen. Hebben de kwetsbare gezinnen de factuur dan betaald? Zeker niet: beursstudenten werden gevrijwaard.

Op termijn is er hoop: het 'klikmechanisme' dat stijgende studentenaantallen vertaalt in een jaarlijkse toename van het budget is decretaal voorzien. De terugkeer ervan in 2017 is dus cruciaal zodat de inhaalbeweging opnieuw wordt ingezet.

Maar laat ons ook nu al slim beleid voeren. Met een slanker systeem voor kwaliteitszorg: vertrekken vanuit vertrouwen, een waarderende aanpak met minimale planlast. Met ruimte voor rationalisatie: niet als besparing, maar vanuit de vraag of het aanbod niet té uitgebreid is. Nu wint concurrentiedrift het te vaak van efficiëntie. Met een betere studiekeuze: van de jongeren die een professionele bachelor aanvatten, haakt 20 procent al na een jaar af. Jongeren helpen om realistische keuzes te maken zal voor overbevraagde docenten meer soelaas brengen dan een cursus tegen burn-out, hoe waardevol zo'n cursus ook is.

Het signaal van de hogescholen klinkt luid, maar het is ook geen aanval op anderen die beter worden gefinancierd. Hogescholen en universiteiten zijn geen gescheiden werelden, zeker niet voor studenten. Velen stromen door van de universiteit naar de hogeschool of omgekeerd. Concurrentie is dan ook uit den boze. Bovendien behoren ze samen tot de VLUHR, en vormen ze samen associaties, waarbinnen ze de solidariteit aan de dag leggen om hun overheidsmiddelen optimaal in te zetten.

Hogescholen hebben, meer nog dan universiteiten, het potentieel om de participatie aan ons hoger onderwijs te vergroten. Zeker wanneer we ook het hoger beroepsonderwijs verder uitbouwen. Ook hun rol op het vlak van onderzoek is nog onderbelicht: praktijk- en innovatiegericht, in een Vlaanderen dat uitgerekend daarop wil inzetten. We moeten nu samen met de regering en het hoger onderwijs bekijken hoe we dat potentieel kunnen verzilveren vanuit het budget, vanuit het beleid en vanuit een goede samenwerking. De return on investment zal groot zijn, dat staat vast.

 

Hilde Crevits, Vlaams minister van onderwijs

 

Categorie: 
 

Volg mij ook via

twitter

Foto's op Flickr

www.flickr.com
hilde.crevits' items Go tohilde.crevits' photostream