23 april 2016

Paul Van Den Bosch werkt aan plan met minister Crevits

 

Sven Nys heeft een streep onder zijn fenomenale wielercarrière getrokken en sinds 1 april is Paul Van Den Bosch na 38 jaar ook LO-leerkracht af in Mol. De coach die een pak atleten naar de absolute wereldtop loodste, gaat nu minstens één dag per week op het kabinet van Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) werken. Niet om haar te trainen - want dat doet hij nu al. Tegen de gezondheidsconferentie van eind dit jaar wil Crevits een actieplan klaar hebben over de meerwaarde van voldoende beweging en gezonde voeding op school. Want de cijfers liegen er niet om: onze tieners zitten 9 uur per dag, één op de vijf is te dik. Van Den Bosch gaat meedenken hoe dat beter kan. "Pauls geloofwaardigheid is een grote troef: mensen kijken naar hem op en hij is zelf meer dan dertig jaar LO-leerkracht geweest", zegt Crevits.

U gaat op onze schoolbanken de nieuwe Sven Nysen en Luc Van Lierdes klaarstomen?

Van Den Bosch: "Of topsport wel zo gezond is, dat wil ik nog in het midden laten. Maar ik heb kleinkinderen van zeven, vijf en vier jaar. Ik ben erover bekommerd dat zij in een schoolsysteem terechtkomen waar zij gestimuleerd worden om te bewegen. Er wordt bijvoorbeeld vaak gesproken over de vele diagnoses van ADHD. Ik ben ervan overtuigd dat beweeglijke kinderen kansen tot beweging nodig hebben, om dan te kunnen stilzitten wanneer het echt moet."

Crevits: "Het gaat er echt niet om van iedereen een topsporter te maken. Het gaat om bewegen. Ik probeer elke dag 10.000 stappen te doen en dat kost mij nogal wat moeite. Maar ik merk de positieve effecten op mezelf."

Van Den Bosch: "Het mag ook eens 7.500 stappen per dag zijn, hé. Het moet geen obsessie worden. Iemand die ik begeleid ging soms om 1 uur 's nachts nog stappen om aan zijn 10.000 te komen. Het is ook niet de bedoeling dat iedereen de Mont Ventoux op fietst. Maar als een leerling op zijn niveau zijn grenzen verlegt, zie je die groeien. Zo ben ik net een ex-leerling van mij tegengekomen. Blinkend kwam die mij vertellen dat hij de Ten Miles sneller heeft uitgelopen dan 'uwen atleet' Sven Nys. Hij heeft de Ten Miles niet gewonnen, maar voor zichzelf heeft hij wel een echte prestatie geleverd."

Twee uur lichamelijke opvoeding per week volstaat daarvoor volgens u niet.

Van Den Bosch: "Nee. Als het over sport gaat, kijkt ons systeem nog te veel naar enkel de leerkrachten LO. Maar bewegen is de verantwoordelijkheid van de hele school. Ik heb als leerkracht héél veel klassenraden en leerlingenbesprekingen meegemaakt. Nooit werd daar gevraagd: hebben de leerlingen wel de eindtermen over gezondheid en beweging gehaald? Die eindtermen bestaan nochtans, maar kwamen bij ons op school te weinig ter sprake. Wél: 'Hebben ze de lat gehaald voor wiskunde, Frans en Nederlands?'"

Lang niet iedereen heeft het sportgen zoals jullie. Sommige kinderen zitten nu eenmaal liever met hun neus tussen de boeken.

Crevits: "Ik geloof dat veel leerkrachten kinderen in beweging krijgen. Maar als een leraar in zijn sportlessen 10 op 10 geeft aan de rapste van de klas en de traagste buist, vraag ik me af: hoeveel goesting schep je zo bij leerlingen om te bewegen? Gewoon te voet naar school gaan is al fantastisch. Mijn man is ook niet voor dat competitieve. Toen hij me voorstelde om samen te gaan wandelen, leek mij dat maar niks. Maar op zondag trekken we er nu toch regelmatig op uit. En ik voel dat ik daar deugd van heb."

Op school is het telkens twee keer een lesuur stilzitten tot de speeltijd. Hoe verander je dat?

Van Den Bosch: "Waarom hen niet tussendoor 5 minuten laten bewegen? Hoewel ze 5 minuten korter zal zijn, zal het rendement van de volgende les groter zijn. Om praktische redenen worden turnlessen nu dikwijls ook in blokken van twee uur gezet. Maar in se is dat niet het beste idee, want dan laat je kinderen maar één keer bewegen in plaats van twee keer een uur. In de lessen LO wordt ook een heel gamma aan sporten aangeboden. Er zijn daardoor heel veel turnlessen waarvan de intensiteit te laag is."

Hoezo?

Van Den Bosch: "Als er tijdens een lesuur sport bijvoorbeeld speerwerpen wordt gegeven. Die leerlingen kan je dat toch niet aanleren op twee uur en ze staan vooral te wachten tot het hun beurt is. Maar ook volleybal: in een club duurt het maanden eer je goed kan toetsen. In sommige scholen krijg je daar dan zes uur voor. Kunnen leerlingen niet beter netbal spelen, wat veel makkelijker en actiever is? Ik ga de leerplannen niet in vraag stellen, maar dat zijn bedenkingen die ik maak."

Crevits (zelf oud-volleybalster): "Over dat volleybal volg ik je niet helemaal, Paul. Dat verdient nog een discussie."

Is dit project niet vooral belangrijk voor jongeren onderaan de sociale ladder? Zij bewegen het minst en eten het ongezondst.

Crevits: "Niet iedereen heeft evenveel kansen en mogelijkheden. Sport is voor bepaalde jongeren gratis, maar het is nog niet altijd evident om naar de sportclub te gaan omdat men dat thuis minder relevant vindt. Wat eten betreft, leren ze op school wel de voedseldriehoek. Maar dat alleen is geen stimulans om voor gezondere voeding te kiezen. Het is dan ook belangrijk dat we in het aanbod van eten en drinken op school voor het gezonde gaan."

Moeten leerkrachten ook niet meer het goede voorbeeld stellen? Vaak zitten zij zelf de hele dag achter hun bureau.

Van Den Bosch: "De boodschap geldt zeker ook voor hen. Ik ben ervan overtuigd dat iedereen performanter wordt in zijn job als hij of zij meer beweegt - ook in het bedrijfsleven."

Categorie: 
 

Volg mij ook via

twitter

Foto's op Flickr

www.flickr.com
hilde.crevits' items Go tohilde.crevits' photostream