Alle leerkrachten uit het basis- en secundair onderwijs krijgen de kans om een week lang hun tijdsbesteding op te schrijven. Het onderzoek is belangrijk in de onderhandelingen over het nieuwe loopbaanpact.

Brussel. In het Vlaamse onderwijs begint deze maand een grootschalig onderzoek met een ambitieus opzet: in kaart brengen hoeveel uren leerkrachten werken en waar ze die tijd aan besteden. Dat bevestigen verschillende bronnen aan De Standaard.

Er wordt wel eens smalend gedaan over hoe hard leerkrachten moeten werken, gezien het beperkte aantal lesuren en de vele vakanties. Leerkrachten counteren dat door erop te wijzen dat hun job meer inhoudt dan voor de klas staan. Dit onderzoek moet daar nu uitsluitsel over brengen.

Alle leerkrachten uit het basis- en secundair onderwijs krijgen de kans deel te nemen. Via een app of een website moeten ze een week lang bijhouden wat ze allemaal doen: lesgeven, verbeteringen maken of voorbereidingen treffen, en hoelang dat duurt. Er hoort ook een vragenlijst bij.

De deelnemers zullen in verschillende groepen worden opgedeeld, iedere groep krijgt een andere week toegewezen tussen januari en april. Dat moet een realistisch beeld schetsen van de geleverde arbeid over een periode van verschillende maanden. De leerkrachten moeten niet alleen melden wat ze professioneel doen, maar ook aangeven wanneer het tijd is voor ontspanning of huishoudelijke activiteiten. Ze hoeven daarbij niet in detail te treden, de grote lijnen volstaan.

De opzet van het onderzoek is bewust laagdrempelig gehouden en zou niet al te veel extra tijd in beslag. De vakbonden trekken mee de kar. 'We willen zo veel mogelijk mensen oproepen om deel te nemen', zegt Raf De Weerdt, algemeen secretaris Onderwijs van het ACOD. 'Hoe meer deelnemers, hoe beter.'

VUB-professor Ignace Glorieux, die de voorbije jaren onder meer de tijdsbesteding van het academisch personeel aan de Brusselse universiteit onderzocht, leidt het onderzoek. Een stuurgroep waar onder meer de vakbonden en de onderwijskoepels deel van uitmaken, bewaakt de uitvoering. Tegen augustus zouden de resultaten bekend moeten zijn.

Die resultaten zullen een belangrijke rol spelen in de gesprekken over het nieuwe loopbaanpact. De onderhandelingen daarover mislukten in maart, omdat de onderwijsvakbonden afknapten op de vraag om extra uren te presteren. Leerkrachten in de tweede en derde graad zouden 22 uur moeten lesgeven in plaats van de huidige 21 en 20 uur. In ruil zou er meer ondersteuning zijn aan het begin en einde van hun carrière. Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) besliste de resultaten van dit onderzoek af te wachten alvorens de discussie ten gronde te voeren.

'De recentste gedetailleerde gegevens over de tijdsbesteding van leerkrachten dateren al van 2000', aldus Crevits. 'In achttien jaar tijd is er veel veranderd, zowel in het onderwijs als in de samenleving. Er bestaat een brede consensus over de noodzaak van dit onderzoek.'

Net als de bonden roept de minister leerkrachten op om zo veel mogelijk deel te nemen.

Stijn Cools

Inhoud ↑