West-Vlaanderen heeft de voorbije maanden een kwart van de Vlaamse coronasteun voor de toeristische sector gekregen. In totaal gaat het om meer dan 153 miljoen euro. Vooral het geld waarmee logies en toeristische attracties in hun toekomst kunnen investeren, kwam naar onze provincie. De vooruitzichten voor de boekingen en bezoekers deze zomer zijn opvallend positief.

Van Bellewaerde en Plopsa over grote hotels, kleinschalige bed & breakfasts en campings tot reisbureaus en de bootjes op de Brugse reien: dat de coronacrisis het toeristische hart in West-Vlaanderen fel heeft doen bloeden, hoeft niet worden uitgelegd. De sector kreeg het het voorbije anderhalf jaar bijzonder zwaar te verduren.

Niet alleen waren er twee zware lockdownperiodes, ook het toerisme vanuit het dichte en verre buitenland stond op een immens laag pitje. In 2020 bijvoorbeeld zakte het aantal toeristische aankomsten in heel Vlaanderen naar amper 4,4 miljoen, minder dan de helft van in 2019. De kust was goed voor bijna 30 procent van die bezoeken. Ook de eerste drie maanden van 2021 zorgden volgens de officiële cijfers van Toerisme Vlaanderen allerminst voor een heropleving. Het aantal bezoekers uit het buitenland viel met maar liefst 88 procent terug in januari, februari en maart van dit jaar ten opzichte van dezelfde periode in 2020.

Om de toeristische sector door de zwarte periode te sleuren en hen te wapenen voor wat na corona komt, heeft de Vlaamse regering een resem steunmaatregelen uitgewerkt. In totaal werd tot nu toe meer dan 642 miljoen euro aan coronasteun uitbetaald aan ondernemingen die actief zijn in toerisme in de brede zin van het woord. Dat blijkt uit cijfers die Vlaams Parlementslid Cathy Coudyser (N-VA) verzamelde bij ministers van Economie Hilde Crevits (CD&V) en Zuhal Demir (N-VA), bevoegd voor Toerisme. West-Vlaanderen mocht rekenen op zowat een kwart van die steun: bijna 153,2 miljoen euro.

Gedwongen dicht

“Vlaanderen heeft alles in het werk gesteld om onze ondernemers te begeleiden, maar ook de financiële impulsen waren broodnodig om de sector overeind te houden”, oppert Cathy Coudyser. “Zonder toeristische sector is er geen sprake meer van een Vlaanderen vakantieland. Ook na deze coronacrisis moeten we de sector ademruimte blijven geven zodat men kan investeren om gezond, innovatief en duurzaam te worden. De gevolgen van de crisis voor het toerisme in West-Vlaanderen zullen voelbaar blijven tot ver na 2024.”

Concreet gaat het om de hinder- en compensatiepremie voor toeristische ondernemingen die in de eerste lockdown gedwongen dicht waren, goed voor bijna 86,3 miljoen euro. Tijdens de tweede en derde coronagolf werden toeristische logies en andere bedrijven die dicht moesten of hun omzet zagen kelderen, ondersteund via het Vlaams Beschermingsmechanisme. In totaal kwam zo iets meer dan 47,1 miljoen euro coronasteun naar het West-Vlaamse toerisme. Specifiek voor de erkende jeugdverblijven in onze provincie werd 4,45 miljoen euro vrijgemaakt in het coronanoodfonds.

Investeren in toekomst

Opvallend is echter vooral dat West-Vlaamse logies, pretparken en toeristische activiteiten bijna de helft van de middelen uit het Vlaams Stimulusprogramma binnenrijven. Terwijl de vier andere Vlaamse provincies het met bedragen tussen 2 en 6,5 miljoen euro moeten stellen, komt er maar liefst 13 miljoen euro naar 113 verschillende ondernemingen in onze provincie. (zie ook pagina 4, red.) De grootste sommen - maximaal 200.000 euro - gaan naar onder meer het Parkhotel in Kortrijk, het Plopsa Hotel, Bellewaerde, Le Bois de Bruges en de twee campings van Kompas in Nieuwpoort en Westende. Dat geld moet dienen om te investeren in de heropstart en de toekomst, onder meer op vlak van gezondheidsmaatregelen, ecologische duurzaamheid, digitalisering en verdere professionalisering. Binnen de vijf jaar na 2024 moet driekwart van het geld terugbetaald worden, het gaat immers om een voorgefinancierde lening.

Specifiek voor evenementen

Tot slot kregen 15 West-Vlaamse organisatoren van toeristische events of festivals voorschotten in het kader van Flanders is a Festival. Met dat geld kunnen evenementen alle nodige voorbereidingen treffen om op een coronaveilige manier te organiseren. Kan het evenement doorgaan, dan moet het geld worden terugbetaald. Onder meer Ostend Beach Festival, het Kortrijkse hard rock- en metalfestival Alcatraz en het Zandsculpturenfestival in Middelkerke kregen zo’n steun.

Door Olaf Verhaeghe

Inhoud ↑