De Vlaamse Regering heeft op voorstel van Vlaams minister van Binnenland Hilde Crevits het financieel ondersteuningspakket voor vrijwillige fusies van gemeenten goedgekeurd. De schuldovername wordt deels gebaseerd op het aantal inwoners van de toekomstige fusiegemeente, en deels op de transitiekosten die een vrijwillige gemeentefusie met zich meebrengt. Ook de praktische moeilijkheden die gemeenten eerder ervaarden bij fusies worden dankzij wijzigingen aan het decreet Lokaal Bestuur (DLB) weggewerkt. Op die manier wil minister Crevits helderheid scheppen voor gemeenten die in de toekomst vrijwillig willen fuseren.
“Er zijn geen verplichte fusieplannen vanuit Vlaanderen. Een geslaagde fusie wordt niet opgelegd van hogerhand. Maar verschillende lokale besturen hebben in het verleden bewezen dat een fusie succesvol kan zijn. Het is dan ook het recht van elk lokaal bestuur om op zoek te gaan naar het beste evenwicht tussen schaalgrootte en nabijheid, tussen efficiëntie en draagvlak bij haar inwoners. Gemeenten die er vrijwillig voor kiezen om te fuseren, kunnen rekenen op de nodige financiële ondersteuning. Dat kader ligt nu vast. Ook praktische drempels of absurditeiten ten gevolge van een fusie werken we zoveel mogelijk weg.” – Hilde Crevits, Vlaams minister van Binnenland
Bij de vrijwillige fusieoperatie van 2019 werden 7 gemeentefusies gerealiseerd. Op 1 januari 2025 fusioneerden 28 oorspronkelijke gemeenten tot 13 nieuwe fusiegemeenten (zie bijlage).
Een fusie van gemeenten omvat een intensief veranderingstraject, zowel op politiek niveau als op het niveau van de administratie. De Vlaamse Regering wil lokale besturen, die wensen te fuseren, zo goed mogelijk ondersteunen in dit traject.
De maximale schuldovername per fusietraject (dat berekend wordt op het inwonersaantal) zal 16 miljoen euro bedragen, bij een vorige fusieoperatie was dat 50 miljoen. Met fusies van 3 of meer gemeenten stijgt dat bedrag naar 20 miljoen euro, gezien de grotere complexiteit.
Forfaitair bedrag als tussenkomst in de transitiekosten
Een fusie brengt ook aanzienlijke vaste transitiekosten (zoals bijvoorbeeld reorganisatiekosten, IT-aanpassingen, personeelstransities, ...) met zich mee. Die transitiekosten stijgen ook bij fusies met meerdere gemeenten. Om daaraan tegemoet te komen, zullen gemeenten in een volgende fusieoperatie een forfaitair bedrag van één miljoen toegekend krijgen bij de fusie van 2 gemeenten. Per extra fusiepartner komt daar nog eens 250.000 euro bij.
Voor fusies met een schaalgrootte van minstens 20.000 inwoners, wordt er bovenop de forfaitaire tussenkomst in transitiekosten, ook een bijkomende schuldovername gedifferentieerd op basis van de grootte van de fusiegemeente, maar met verschillende bedragen per inwonersschijf:
- 300 euro per inwoner op de schijf van 1 tot en met 20.000 inwoners
- 400 euro per inwoner op de schijf van 20.001 tot en met 30.000 inwoners
- 500 euro per inwoner op de schijf van 30.001 tot en met 40.000 inwoners
Omdat het bij fusiegemeenten met meer dan 40.000 inwoners om de fusie van grotere gemeenten met meer middelen gaat, zakt het extra bedrag per inwoner vanaf 40.000 inwoners.
- 400 euro per inwoner op de schijf van 40.001 tot en met 50.000 inwoners
- 300 euro per inwoner op de schijf vanaf 50.001 inwoners
Meer voorbereidingstijd
De Vlaamse Regering keurde vrijdag ook enkele decreetswijzigingen goed die praktische drempels of risico’s bij fusies moeten beperken.
Om ervoor te zorgen dat gemeenten meer tijd hebben om zich voor te bereiden op een fusie, heeft de Vlaamse Regering vastgelegd dat de definitieve fusiebeslissing uiterlijk op 31 december van het derde jaar dat voorafgaat aan de fusiedatum moet genomen worden. Voor de volgende vrijwillige fusieoperatie is dat 31 december 2028. Daardoor zitten er minimaal 24 maanden tussen het gezamenlijke voorstel tot fusie en de fusiedatum. Als de betrokken gemeenteraden dat op voorhand vragen, krijgen ze uitzonderlijk 6 maand extra om te beslissen over de fusie waardoor de voorbereidingstijd anderhalf jaar bedraagt. Hiermee zoeken we een evenwicht tussen voldoende tijd om politiek draagvlak te vinden en voldoende tijd om de fusie praktisch rond te krijgen zonder overlast voor mensen in de fusiegemeente.
Geen belemmering van fusie bij problemen rond verkiezingsuitslag
Daarnaast zal in de toekomst een bezwaar tegen een verkiezingsuitslag het doorgaan van een fusie niet kunnen belemmeren. Zowel in Wingene als Hasselt werd bij de verkiezingen in 2024 een bezwaar ingediend, waardoor het risico bestond dat de fusie op 1 januari 2025 niet kon doorgaan, wat niet alleen praktische problemen met zich zou meebrengen, maar ook financiële schade. Doordat alles al in gang was gezet, zou de basisdienstverlening voor burgers in het gedrang gekomen zijn of zouden verschillende digitale toepassingen blokkeren op 1 januari 2025. Uiteindelijk sprak de Raad voor Verkiezingsbetwistingen zich tijdig uit over het bezwaar, waardoor er geen problemen waren. Om in de toekomst dit soort ongemakkelijke situaties te vermijden wordt het decreet aangepast: er is geen uitstel van fusie mogelijk in geval van een bezwaar tegen de verkiezingsuitslag.
Federale drempels
Minister Crevits gaat ook in gesprek met de federale overheid om drempels in de federale regelgeving weg te werken. Zo kan het bestaande wagenpark van een lokaal bestuur niet zomaar overgedragen worden omwille van de nieuwe rechtspersoon die ontstaat na een fusie. Het volledige wagenpark moet herkeurd en heringeschreven worden. Die administratieve rompslomp wil de minister weg.
Ook apotheken ondervinden hinder bij fusies. Als gevolg van gemeentelijke fusies kunnen postcodes en straatnamen veranderen. Apothekers zijn verplicht om hun vergunningsgegevens up-to-date te houden. Als ze dat niet doen, kan dat impact hebben op vergunningen, registraties, certificaten, bijsluiters, verpakkingen en etiketten van farmaceutische bedrijven. In samenwerking met de federale overheid wil minister Crevits apothekers beter ondersteunen en begeleiden tijdens een fusietraject. Het Agentschap Binnenlands Bestuur gaat dan ook in gesprek met alle opgestarte fusiegemeenten om deze drempels verder in kaart te brengen.