Je kunt er niet naast kijken op de speelplaats van basisschool 't Klavertje in Bierbeek. Elke speeltijd dragen twee kinderen uit het zesde leerjaar een fluohesje. Ontstaan er conflictjes, dan bemiddelen zij zelf. Onderwijsminister Crevits promoot die aanpak nu in het middelbaar als preventie tegen pesten.

"Of er nu minder ruzie wordt gemaakt op onze school? Dat weet ik niet. Maar de ruzies stoppen wel vlugger", zegt Tibo De Schepper (12). Hij is net als alle kinderen in het zesde leerjaar 'bemiddelaar'. Om beurten dragen ze tijdens de speeltijd een fluohesje. Andere kinderen op school die ruzie krijgen, zien meteen bij wie ze terechtkunnen. "Wij nemen hen mee naar het tuinhuisje op de speelplaats. Daar mogen ze om beurten vertellen wat er gebeurd is."

Het is niet altijd makkelijk om die gesprekken in goede banen te leiden. "Soms zit de ene constant te roepen 'het is niet waar', terwijl de andere zijn verhaal probeert te doen", is de ervaring van Tibo. "Er zijn kinderen die denken dat ze alles mogen. Dan mogen we hen buitenzetten, en komt de leerkracht tussen. Maar meestal lukt het wel om de ruziemakers naar elkaar te laten luisteren. Dan zien ze in hoe de tegenpartij zich voelt. Vervolgens moeten zij zelf een oplossing bedenken, dat is belangrijk. Als ze die oplossing niet zelf willen, is de kans groot dat de ruzie blijft voortduren."

Al vanaf de leeftijd van negen jaar kunnen kinderen hun leeftijdsgenoten bijstaan, zeggen experts die gisteren bijeenzaten op een studiedag over peer mediation. Via rollenspel worden ze wel eerst getraind in conflictbemiddeling. In 't Klavertje leert juf An aan de kinderen welke vragen ze moeten stellen over akkefietjes die ontstaan tijdens het spelen, of conflicten over vriendschappen. Zoals: wat is er gebeurd? wat wil je nu? Is dat haalbaar?

"Cruciaal is dat de bemiddelaars de twee partijen kunnen laten vertellen hoe zij zich voelen. Zeggen dat je verdrietig bent omdat je niet mag meespelen is allicht het moeilijkste. Maar als de andere partij dat hoort, kom je makkelijker tot een oplossing."

Het Sint-Jans-Bergmanscollege in Genk zet al acht jaar leerlingen uit het vijfde en zesde middelbaar in als bemiddelaar. Leraar Paul Van Thienen vindt het merkelijk beter als de kinderen hun conflicten zelf oplossen. "Schermutselingen die ons vroeger niet ter ore kwamen, worden nu wel opgemerkt en meteen uitgepraat. Ik beweer niet dat we het pesten hebben kunnen uitroeien. Dat zal altijd bestaan. Maar ruzies krijgen niet zo gauw de kans te escaleren. Het is rustiger geworden op school. Er is minder kliekvorming. En het melden van pesten wordt niet meer gezien als klikgedrag."

Het Genkse college werkt alleen met vrijwilligers. "Wat je soms leest in de motivatiemails die de leerlingen indienen. Een meisje schreef dat ze zwaar was gepest in de lagere school. In het middelbaar was ze dan maar een 'bitch' geworden om het hoofd boven water te houden. Zij is een hele goede begeleidster geworden."

Paul Van Thienen juicht toe dat minister Crevits de methodiek nu gaat promoten bij middelbare scholen. "Maar een oplossing bij zware pesterijen is dit niet. Een pester wil de andere er altijd onderduwen. Het gevaar bestaat dat de leerling-bemiddelaar dat niet door heeft. Bij zware en structurele pesterijen moet de school tussenkomen. Al doen wij ook dat in een overleg met de pester en een leerlingenvertegenwoordiging."

(IDV)

Inhoud ↑

Copyright © 2015 De Persgroep Publishing. Alle rechten voorbehouden

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookies Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.