Vanaf vandaag, 1 april 2021, is het mogelijk om het globalisatiemechanisme aan te vragen. Het globalisatiemechanisme is een extra beschermingsmaatregel voor ondernemingen die in de periode van 1 april 2020 tot en met 31 december 2020 een omzetverlies van minstens 60% hebben geleden. Ondernemers kunnen vanaf vandaag tot en met 30 september 2021 hun aanvraag indienen. 

“2020 is een jaar om snel te vergeten, zeker voor de vele ondernemers die verplicht gesloten waren of zwaar omzetverlies leden door de strenge maatregelen. Om voor voldoende bescherming te zorgen voor die ondernemers die over de laatste drie kwartalen van 2020 heen minstens 60% omzetverlies hadden, is er het globalisatiemechanisme. Vanaf vandaag kunnen die ondernemers hun aanvraag indienen.” - Hilde Crevits  

Veel bedrijven hebben 2020 afgesloten met een zwaar verlies. Europa laat toe dat de overheid voor gezonde bedrijven tussenkomt in die grote verliezen. Ook Graydon en verschillende experten pleiten ervoor om als overheid de niet-gedekte vaste kosten te vergoeden. Daarom heeft de Vlaamse regering op voorstel van Vlaams minister van Economie Hilde Crevits het globalisatiemechanisme ingevoerd. Zo bieden we ondernemingen die in de laatste drie kwartalen van 2020 minstens 60% omzetverlies hadden extra bescherming.

Voorwaarden

Om in aanmerking te komen voor het globalisatiemechanisme zijn er een aantal voorwaarden. Zo moet de onderneming rechtspersoonlijkheid hebben en met een jaarrekening werken en moet de onderneming een minimale omzet van 450.000 euro hebben in diezelfde periode in 2019. De steun bedraagt 10% van de omzet, exclusief btw en wordt toegekend op ondernemingsniveau. Voor middelgrote en grote ondernemingen mag de steun nooit meer bedragen dan 70% van de niet-gedekte vaste kosten. Voor kleine ondernemingen mag de steun nooit meer bedragen dan 90% van de niet-gedekte vaste kosten. 

Maximale steun 2 miljoen euro

Het maximale steunbedrag wordt op 2 manieren bepaald. De eerste manier is op basis van verruimde tewerkstelling. Ook ondernemingen die geen of weinig vaste medewerkers hebben komen zo in aanmerking. Dat gaat dan om ondernemingen die met uitzendkrachten of jobstudenten werken of een beroep doen op externe dienstverleners of freelancers. Deze types van tewerkstelling kunnen worden gelijkgesteld met vaste medewerkers. Ook kleine bedrijven zonder vast personeel, zoals vaak het geval in de event- en cultuursector, kunnen zo in aanmerking komen. De tweede manier is op basis van RSZ-tewerkstelling in combinatie met een minimale omzet.

  

Verruimde tewerkstelling

Omzetdaling van 60% tot 69%

Omzetdaling van 70% tot 89%

Omzetdaling van 90% en meer

1 tot 4 werknemers

15.000 euro

30.000 euro

50.000 euro

5 tot 19 werknemers

25.000 euro

50.000 euro

100.000 euro 

20 tot 49 werknemers

50.000 euro

100.000 euro

250.000 euro

50 tot 199 werknemers

250.000 euro

500.000 euro

1.000.000 euro

200 en meer werknemers

500.000 euro

1.000.000 euro

2.000.000 euro

 

Minimale RSZ-tewerkstelling

Minimale omzet

Omzetdaling van 60% tot 69%

Omzetdaling van 70% tot 89%

Omzetdaling van 90% en meer

1 werknemer

1.125.000 euro

25.000 euro

50.000 euro

100.000 euro

5 werknemers

3.000.000 euro

50.000 euro

100.000 euro

250.000 euro

10 werknemers

9.000.000 euro

250.000 euro

500.000 euro

1.000.000 euro

20 en meer werknemers

25.000.000 euro

500.000 euro

1.000.000 euro

2.000.000 euro

 

Aanvraagprocedure

De aanvraag kan vanaf 1 april 2021 tot en met 30 september 2021 ingediend worden via de website van VLAIO. Elk dossier zal individueel beoordeeld worden. Bij de aanvraag moeten verschillende gegevens ingevuld worden. Dat gaat over omzet uit geleverde prestaties in de laatste drie kwartalen van 2020 en 2019, verliezen in die periode in 2020, tewerkstellingsgegevens in de laatste drie kwartalen van 2019, de berekening van de niet-gedekte vaste kosten, …

Meer info over de voorwaarden en aanvraagprocedure: https://www.vlaio.be/nl/subsidies-financiering/globalisatiemechanisme/aanvraagprocedure