VITO behaalt Europese accreditatie voor het testen van FFP2/FFP3 mondmaskers en behoort daarmee tot de Europese top

Publicatiedatum

Auteur

Liese Vleirick-Lecluyse

Deel dit artikel

Op vraag van Vlaams minister van Economie & Innovatie Hilde Crevits heeft VITO de Europese accreditatie voor het testen van hoogwaardige FFP2/FFP3 mondmaskers gevraagd én gekregen. Zo kan VITO mondmaskers testen aan de strengste Europese kwaliteitsnormen. Precies dit type maskers moet het medisch en zorgpersoneel dragen als zij in contact komen met COVID positieve patiënten. Vandaar de hoge eisen die aan de maskers én aan de testen gesteld worden 

VITO sluit met deze accreditatie aan bij een selecte club van onderzoeksorganisaties in de Europese Unie die bevoegd zijn voor deze tests. Prachtig werk van onze onderzoekers en dat in een recordtijd.” - Hilde Crevits  

Expertise luchtkwaliteit in functie van corona

Vlaams minister van Economie en Innovatie Hilde Crevits vroeg begin april aan VITO om de accreditatie te halen voor het testen van FFP2/FFP3 mondmaskers volgens de strengste Europese norm EN149. Dit onder meer ter ondersteuning van Vlaamse bedrijven die deze maskers lokaal produceren en zo niet afhankelijk moeten zijn van buiten­landse testlabo’s. Een belangrijk onderdeel van de testnorm is het controleren van de filterefficiëntie voor zeer fijne aerosoldeeltjes, als simulatie voor hun bescherming tegen het coronavirus. Dit sluit nauw aan bij de expertise die VITO gedurende vele jaren heeft opgebouwd als expert luchtkwaliteit, zoals bv. in de monitoring en de remediëring van aerosol­vervuiling in onze leefomgeving.  

Dirk Fransaer, gedelegeerd bestuurder VITO: “VITO staat bekend voor de hoge kwaliteit van het onderzoek naar cleantech en op het vlak van duurzame ontwikkeling. Dat we ook een belangrijke rol zouden kunnen spelen in de coronacrisis is misschien wat onverwacht, maar sloot toch goed aan bij de expertise die binnen VITO beschikbaar is.”

Door een snelle upgrade van de beschikbare testinfrastructuur slaagde VITO er in om reeds eind juni de accreditatie te halen voor het verkorte Dekra-protocol, een light versie van de EN149-norm die tijdens de pandemie tijdelijk volstaat voor het op de markt brengen van FFP2/FFP3 mondmaskers in België.

Om te kunnen voldoen aan de bijkomende eisen van de EN149-norm werd voort geïnvesteerd in kennisopbouw en specifieke meetapparatuur. De laatste toestellen werden midden oktober bij VITO geïnstalleerd. Twee weken nadien werd het volledige validatiedossier en testprotocol voor een audit voorgelegd aan BELAC, de Belgische Accreditatie-instelling. Anderhalve maand later en na succesvolle deelnames aan een aantal interlabo­tests, is de accreditatie voor de volledige EN149-norm officieel aan VITO toegekend op 8 december jl.

Race tegen de tijd

Niettegenstaande de beschikbare expertise bij VITO en de state-of-the-art-infrastructuur van de labo’s is het behalen van deze complexe accreditatie op zo’n korte termijn en onder de bijzondere werk­omstandigheden ten gevolge van de coronacrisis een prachtprestatie. De strakke timing was vereist gezien de concrete vraag van lokale producenten naar gevalideerde testrapporten bij de opstart van hun productie.

Bij de start van het project werden de beschikbare apparaten met het oog op de specifieke eisen van de EN149-norm geïnventariseerd. Omwille van de complexiteit van de norm heeft VITO een aantal toestellen zelf gemodificeerd zodat ze alvast snel voldeden aan het hierboven genoemde verkorte Dekra-protocol. Een andere cruciale factor in de kwaliteitstesten van de Europese testnorm EN149  is het simuleren van de ingeademde lucht. De bestaande expertise binnen VITO rond het nauwkeurig aanmaken en meten van dergelijke aerosolmatrices, onder meer opgebouwd binnen haar rol als referentielabo in Vlaanderen, was hierbij een perfect uitgangspunt en liet een snelle schakeling naar de vereisten van de norm toe. 

Vlaams minister van Economie en Innovatie Hilde Crevits: “Mondmaskers zijn een onderdeel geworden van onze samenleving. De strategische productie ervan in Vlaanderen komt stilaan op toerental. Vorige week nog hebben we steun verleend aan een bedrijf om de filterstof voor mondmaskers te maken. Vandaag hebben we met VITO ook in Vlaanderen een instelling die de hoogste EU kwaliteitsnormen (EN149-norm) van FFP2 en FFP3 mondmaskers kan testen. Zo verzekeren we verder de toegang tot hoogkwalitatieve mondmaskers voor onze regio.”

Nieuws

Minister Crevits investeert in dorpshuizen om buurtbewoners terug meer samen te brengen: al 31 projecten kunnen rekenen op steun

Op initiatief van Vlaams minister van Plattelandsbeleid Hilde Crevits kunnen 31 dorpshuizen verspreid over Vlaanderen rekenen op de steun van de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) en de Koning Boudewijnstichting (KBS). Samen ontvangen zij 304.000 euro. Het gaat om plekken die de lokale gemeenschap versterken en waar sterk ingezet wordt op verbinding en ontmoeting.

Nederlands leren blijft populair bij nieuwkomers

Meer dan 83.000 mensen kwamen in 2025 langs bij de agentschappen Integratie en Inburgering met de vraag om Nederlands te leren. Uiteindelijk schreven er ruim 138.000 unieke personen zich in voor een NT2-opleiding. Ook de cursus Maatschappelijke Oriëntatie (MO) blijft een belangrijke pijler binnen het inburgeringstraject: 19.000 mensen namen voor het eerst deel aan een cursus MO. Daarnaast werden vorig jaar bijna 18.000 inburgeringsattesten uitgereikt.

Vlaams minister Hilde Crevits roept gemeenten op om meer aandacht te hebben voor rust- of herdenkingsplaatsen voor huisdieren.

Vlaams minister van Binnenland Hilde Crevits roept alle lokale besturen in Vlaanderen op meer aandacht te hebben voor initiatieven rond herdenking of omgang met overleden gezelschapsdieren. Ze vraagt ook om bestaande initiatieven zoals dierenbegraafplaatsen of herdenkingsplaatsen te melden aan het Agentschap Binnenlands Bestuur, zodat mensen makkelijk terugvinden waar ze terecht kunnen voor een laatste rustplaats voor hun overleden gezelschapsdier. De minister wil werk maken van een laagdrempelige en toegankelijke inventaris en stuurde daarvoor een brief naar alle 285 Vlaamse gemeenten.