Kennis van het Nederlands centraal in Vlaamse integratiebeleid

Publicatiedatum

Deel dit artikel

Vlaams minister van Integratie en Inburgering Hilde Crevits zet de kennis van het Nederlands als prioritaire doelstelling voorop in het Vlaamse integratiebeleid. Samen met haar collega’s in de Vlaamse Regering maakt ze werk van een actieplan, waarbij andere ministers vanuit hun eigen bevoegdheden aan het integratiebeleid zullen meewerken.

“Het Nederlands is meer dan een taal. Het is de sleutel tot werk, onderwijs en volwaardige deelname aan onze samenleving. Door de kennis van het Nederlands te stimuleren als een verbindende factor breken we drempels af en versterken we sociale cohesie, in de klas, op de werkvloer en in de buurt. Daarom roep ik mijn collega-ministers binnen de Vlaamse Regering op om mee hun schouders te zetten onder een krachtig integratiebeleid”- Vlaams minister van Integratie en Inburgering Hilde Crevits

Vlaanderen is diverser dan ooit, met 27% van de bevolking van buitenlandse herkomst en een stijgend aantal anderstaligen. Dit brengt zowel uitdagingen als kansen met zich mee. De diversiteit in Vlaanderen is ook merkbaar in het aantal gesproken talen. Minister Crevits en de andere Vlaamse ministers onderstrepen daarom het belang van Nederlands als gemeenschappelijke taal in onze samenleving. Die gemeenschappelijke taal speelt een sleutelrol in het samenleven met elkaar. De goede kennis ervan zorgt voor een positief effect op vlak van welzijn, sociale contacten, toegang tot de arbeidsmarkt en het onderwijs.

Elke Vlaamse Regering maakt een geïntegreerd actieplan horizontaal integratiebeleid. De eerste stap is de bepaling van de doelstellingen en dus de prioriteiten waaraan alle Vlaamse ministers zullen werken. Naast het Nederlands als verbindende taal zal er ook aandacht gaan naar de bestrijding van discriminatie en racisme, naar participatie en zelfredzaamheid van mensen met een buitenlandse herkomst en het bevorderen van de sociale cohesie. De komende maanden worden de nieuwe acties verzameld in een actieplan.

Nieuws

Aantal meldingen van agressief of ongewenst gedrag stijgt fors binnen Vlaamse overheid: nieuwe regeling dat dossiers tijdelijk kan opschorten in geval van agressie voortaan van kracht

Het aantal meldingen van ongewenst gedrag van derden tegenover personeelsleden van de Vlaamse overheid steeg met 60%. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van Vlaams minister van Bestuurszaken Hilde Crevits. De minister wil daarom strenger optreden: indien overheidspersoneel wordt geconfronteerd met agressie van burgers, kan er voortaan onmiddellijk en kordaat op worden gereageerd door het voorval uitdrukkelijk mee te nemen bij de beoordeling van het dossier van de betrokken persoon. De regeling werd vastgelegd in het nieuw Vlaams Dienstverleningscharter van de Vlaamse overheid en werd deze week via een omzendbrief gecommuniceerd naar alle entiteiten. 

Crevits ondersteunt lokale besturen voor sociale cohesie en betere integratie

Vlaams minister van Integratie en Inburgering Hilde Crevits investeert 11,8 miljoen euro in organisaties die lokale besturen ondersteunen bij het versterken van de lokale sociale cohesie en integratie. Alle Vlaamse steden en gemeenten kunnen de komende drie jaar gratis gebruik maken van hun expertise. De focus ligt op werk, onderwijs, Nederlands als verbindende taal en de participatie van kwetsbare groepen aan de samenleving.

Crevits wil duidelijke regels rond ‘crematietoerisme’

Vlaams minister van Binnenland Hilde Crevits wil de praktijk waarbij lichamen van overledenen vanuit Vlaanderen naar Nederland door Vlaamse uitvaartondernemers worden vervoerd voor een zogenoemde ‘technische crematie’ grondig bekijken en hierover duidelijke regels opnemen in het nieuwe Vlaamse decreet op de lijkbezorging. Bij zo’n technische crematie wordt het lichaam van een in Vlaanderen overleden persoon in het buitenland gecremeerd, waarna de as opnieuw naar Vlaanderen wordt gebracht voor de uitvaart of de asbestemming. Volgens de minister roept die praktijk belangrijke juridische en maatschappelijke vragen op. Dat heeft ze geantwoord op een vraag van Katrien Schryvers in de commissie in het Vlaams Parlement.