Minister Crevits heeft actieplan klaar voor sterkere lokale sociale economie

Publicatiedatum

Deel dit artikel

Vlaanderen staat voor een grote uitdaging op de arbeidsmarkt. Terwijl de werkzaamheidsgraad verder omhoog moet richting 80 procent tegen 2030, wordt de groep mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt steeds diverser en kwetsbaarder. Sociale economie kan hierin een belangrijke hefboom zijn.

Voor heel wat mensen met een arbeidsbeperking of complexe problematieken volstaan ‘klassieke’ activeringstrajecten niet langer. De sociale economie kan daarin een belangrijk deel van de oplossing zijn. Ze combineert economische activiteit met maatschappelijke meerwaarde en biedt werk op maat voor mensen voor wie de stap naar de reguliere arbeidsmarkt niet vanzelfsprekend is of (tijdelijk) niet meer mogelijk is. Tegelijk vormt de sociale economie steeds vaker een brug naar duurzame tewerkstelling in het reguliere economische circuit.

Tegelijk neemt ook de druk op lokale besturen en OCMW’s toe. Hervormingen, zoals de beperking van werkloosheidsuitkering in de tijd, zorgen ervoor dat meer mensen bij hen aankloppen voor begeleiding en ondersteuning richting werk. Daarom heeft Vlaams minister van Sociale Economie Hilde Crevits een nieuw actieplan klaar om de samenwerking tussen sociale en reguliere economie te versterken én lokale besturen nog beter te ondersteunen.

Lokale besturen in sleutelrol

Lokale besturen en OCMW’s bevinden zich daardoor in een unieke, maar uitdagende positie. Door hun nabijheid tot inwoners en hun mogelijkheid om werk, welzijn, onderwijs en inburgering te verbinden, zijn zij het best geplaatst om maatwerk te bieden. Op basis van federale regelgeving, in het kader van maatschappelijke integratie, hebben OCMW’s ook als taak om de activering van leefloongerechtigden op zich te nemen.

Die cruciale rol van de lokale besturen wordt ondersteund met een structurele jaarlijkse financiering van 17,3 miljoen euro, waarmee Vlaanderen lokale besturen meer autonomie, minder planlast en meer ruimte geeft om een lokaal sociale-economiebeleid op maat van hun regio en noden uit te bouwen. Uit een recente bevraging van het Departement Werk, Economie, Wetenschap, Innovatie en Sociale Economie bij de lokale besturen en bij de lokale regisseurs sociale economie en werk blijkt dat lokale besturen die (budgettaire) ruimte volop benutten. Steeds vaker combineren lokale besturen oplossingen op maat voor hun eigen gemeente met intergemeentelijke samenwerking en het delen van expertise.

1 actieplan, 2 sporen

Het nieuwe actieplan brengt verschillende doelstellingen samen in één duidelijke aanpak, via twee sporen: meer en nauwere samenwerking tussen sociale en reguliere economie enerzijds en een sterkere structurele ondersteuning van lokale besturen voor het lokaal sociale-economiebeleid anderzijds.

Om die brug en samenwerking verder te versterken, voorziet het actieplan onder meer praktische hulpmiddelen voor samenwerking tussen sociale en reguliere economie, een communicatieoffensief om (reguliere) ondernemingen te overtuigen van de meerwaarde van samenwerking, blijvende stimulansen voor sociaal aanbesteden en praktijkgerichte kennisdeling en ondersteuning.

Daarnaast wordt ook ingezet op een sterkere inhoudelijke ondersteuning van lokale besturen. Dat gebeurt via kennisdeling, inspirerende verhalen en voorbeelden en één centraal aanspreekpunt binnen het Departement WEWIS. Zo worden lokale besturen versterkt in het begeleiden van mensen naar duurzame tewerkstelling, zowel binnen de sociale economie via collectief maatwerk als in de reguliere economie via individueel maatwerk.

Dat die ondersteuning nodig is, blijkt ook uit de signalen van lokale besturen zelf. Zij vragen vooral concrete handvatten, kennisuitwisseling en ondersteuning bij samenwerking, ook bovenlokaal.

Knooppunt Lokaal

Deze ambities kregen meteen een concrete invulling op donderdag 28 mei 2026, wanneer tijdens de netwerkdag Knooppunt Lokaal zo’n 280 vertegenwoordigers van lokale besturen, sociale-economieondernemingen en partners uit het werkveld samen naar oplossingen zoeken voor duurzame tewerkstelling van mensen met een arbeidsbeperking of een grote afstand tot de arbeidsmarkt.

De grote opkomst op ‘Knooppunt Lokaal’ bevestigt het grote draagvlak. Door lokale besturen, OCMW’s, sociale-economieondernemingen, lokale regisseurs sociale economie en werk, en andere partners samen te brengen, legt Vlaanderen meteen ook de basis voor de versterkte samenwerking die het actieplan vooropstelt.

“De sector van de sociale economie behoort tot de kern van onze Vlaamse economie. We kunnen niet zonder – en kwetsbare mensen al helemaal niet. Met dit netwerkevent ‘Knooppunt Lokaal’ en het actieplan zetten we duidelijke stappen vooruit, zodat niemand uit de boot valt en zodat lokale besturen, OCMW’s en sociale economie samen sterker kunnen bouwen aan kansen op werk voor iedereen.” besluit minister Crevits.

Nieuws

Crevits ondersteunt lokale besturen voor sociale cohesie en betere integratie

Vlaams minister van Integratie en Inburgering Hilde Crevits investeert 11,8 miljoen euro in organisaties die lokale besturen ondersteunen bij het versterken van de lokale sociale cohesie en integratie. Alle Vlaamse steden en gemeenten kunnen de komende drie jaar gratis gebruik maken van hun expertise. De focus ligt op werk, onderwijs, Nederlands als verbindende taal en de participatie van kwetsbare groepen aan de samenleving.

Crevits wil duidelijke regels rond ‘crematietoerisme’

Vlaams minister van Binnenland Hilde Crevits wil de praktijk waarbij lichamen van overledenen vanuit Vlaanderen naar Nederland door Vlaamse uitvaartondernemers worden vervoerd voor een zogenoemde ‘technische crematie’ grondig bekijken en hierover duidelijke regels opnemen in het nieuwe Vlaamse decreet op de lijkbezorging. Bij zo’n technische crematie wordt het lichaam van een in Vlaanderen overleden persoon in het buitenland gecremeerd, waarna de as opnieuw naar Vlaanderen wordt gebracht voor de uitvaart of de asbestemming. Volgens de minister roept die praktijk belangrijke juridische en maatschappelijke vragen op. Dat heeft ze geantwoord op een vraag van Katrien Schryvers in de commissie in het Vlaams Parlement.

Zomerscholen winnen verder aan populariteit: recordaantal van bijna 22.000 leerlingen kan deelnemen

Deze zomervakantie kunnen 21.776 leerlingen deelnemen aan zomerscholen verspreid over heel Vlaanderen. Dat is een stijging van het aantal leerlingen met ruim 22 procent ten opzichte van vorig jaar, opnieuw mede dankzij de groeiende betrokkenheid van lokale besturen en scholen. Die groei is ook een gevolg van de aanhoudende beleidsprioriteit die Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir er de voorbije jaren van maakte, met als centrale doelstelling de kennis van het Nederlands te versterken. In totaal zetten 116 lokale besturen dit jaar hun schouders onder de zomerscholen. Demir (N-VA) en Vlaams minister van Binnenland Hilde Crevits (CD&V) investeren samen bijna 10 miljoen euro in het initiatief, tegenover 7,5 miljoen vorig jaar.