De Europese ministers bevoegd voor Visserij komen in juni samen in Luxemburg voor de Europese Visserijraad. Ze bespreken er onder meer de toestand van de visbestanden, de toekomstige vangstmogelijkheden en de evaluatie van het Gemeenschappelijk Visserijbeleid. Vlaams minister van Visserij Hilde Crevits pleit er voor een grondige hervorming van het Europese visserijbeleid, met werkbare regels en opnieuw toekomstperspectief voor de vissers.
De Europese visserijsector staat onder zware druk. Hoge energie- en bedrijfskosten, vergrijzing, een tekort aan arbeidskrachten en beperkte investeringsmogelijkheden bedreigen de toekomst van de vloot. Tegelijk worden vissers geconfronteerd met steeds complexere regels, bijkomende technische maatregelen en nieuwe sluitingen op zee.
Volgens minister Crevits moet het Europese beleid opnieuw een beter evenwicht vinden tussen ecologische, economische en sociale doelstellingen. Alleen zo kan de visserij duurzaam én economisch leefbaar blijven.
“Duurzame visserij kan alleen bestaan als er ook nog vissers zijn. Vandaag leggen we onze vloot steeds meer regels en beperkingen op, terwijl de rendabiliteit verder onder druk komt. Europa mag zijn eigen vissers niet wegregelen. We moeten gezonde visbestanden nastreven, maar tegelijk een beleid voeren dat perspectief biedt aan de vissers die elke dag de zee opgaan” - Vlaams minister van Visserij, Hilde Crevits
Te complexe regels
De kloof tussen de regels op papier en de dagelijkse praktijk op zee is te groot geworden. Minister Crevits vraagt daarom een grondige hervorming van de aanlandplicht. De doelstelling van die verplichting staat niet ter discussie: ongewenste bijvangsten moeten zoveel mogelijk worden voorkomen. De huidige regeling blijkt in de praktijk echter onvoldoende werkbaar voor visserijen die op verschillende soorten terzelfdertijd vissen. Ook onafhankelijk onderzoek in opdracht van de Europese Commissie erkent die problemen.
Minister Crevits roept daarom op om samen met vissers en wetenschappers een alternatief beheer uit te werken. De focus moet liggen op meer selectiviteit en het voorkomen van bijvangsten aan de bron, in plaats van op steeds meer controle en handhaving. Ze vraagt dan ook op dat het ICES (international council for the exploration of the Sea) in het opstellen van hun adviezen structureel rekening houdt met realtime data die onze vissers aanleveren. Ook meer investeringen in realtimegegevens, snellere dataverwerking, precisievisserij en digitalisering zijn nodig. Vissers kunnen zelf waardevolle gegevens verzamelen en moeten als volwaardige partners bij het beheer worden betrokken.
Dreiging van maatregelen en sluitingen
In 2026 worden bovendien bijkomende technische maatregelen en sluitingen op zee voorzien die de Belgische vloot treffen. Die kunnen een grote impact hebben op de activiteiten en rendabiliteit van de vissers. Minister Crevits vraagt daarom dat nieuwe maatregelen altijd grondig wetenschappelijk worden onderbouwd en vooraf met de sector worden besproken.
“De visserij mag niet telkens als eerste moeten wijken wanneer de druk op de zee toeneemt. We moeten onze mariene ruimte beschermen, maar dat mag niet ten koste gaan van onze vissers. Toegang tot voldoende visgronden is cruciaal voor hun toekomst”
Voorbereiding vangstmogelijkheden 2027
De Visserijraad van juni is ook een belangrijk moment in de voorbereiding van de vangstmogelijkheden voor 2027. De definitieve vangstmogelijkheden worden traditioneel aan het einde van het jaar vastgelegd.
Minister Crevits vraagt dat de Europese Unie eensgezind onderhandelt met het Verenigd Koninkrijk en Noorwegen voor de visbestanden die we met hen delen. De akkoorden moeten duurzaam en evenwichtig zijn en rekening houden met de belangen van alle betrokken lidstaten.