De Vlaamse Regering kent op voorstel van Vlaams minister van Binnenland Hilde Crevits 540.000 euro toe aan 6 stadsvernieuwingsprojecten in Antwerpen, Eeklo, Gent, Mol, Ronse en Tienen. Met de middelen krijgen deze lokale besturen extra ruimte om vernieuwende concepten rond bijvoorbeeld participatie, coproductie en ontwerpend onderzoek uit te werken onder begeleiding van een multidisciplinair team. In 3 dossiers in Eeklo, Mol en Tienen gaat het om projecten in stationsbuurten. Daarnaast gaat het om projecten rond boulevards in Antwerpen, een bouwblokboost in Gent en een textielsite in Ronse.
“Alle steden en gemeenten hebben kernen of buurten waar er complexe vraagstukken samenkomen, en waar oplossingen niet voor de hand liggen. Bij stadsvernieuwing worden deze uitdagingen geïntegreerd aangepakt. De stadsvernieuwingsjury nam de ingediende plannen grondig onder de loep vanuit verschillende invalshoeken om zo tot een advies te komen dat projecten verder helpt in hun concept, ontwerp of uitwerking. Elk van de 6 geselecteerde projecten krijgt 90.000 euro.” Hilde Crevits
Stationsomgeving in Tienen
Het station van Tienen telt dagelijks meer dan 4.000 pendelaars. In samenwerking met de NMBS en het provinciebestuur ontwikkelt de stad een ambitieus masterplan voor de achterzijde van het station. De zone wordt herbestemd met ruimte voor bedrijven en woningen en de integratie van de fietssnelweg. Ook de voorzijde met een diverse woonwijk tussen het station en het centrum biedt kansen. Ondanks de centrale ligging ontbreekt het de wijk aan samenhang, identiteit en kwalitatieve publieke ruimte. Er staan al een aantal investeringsprojecten in de startblokken. Dit biedt kansen om via een geïntegreerde aanpak de voorzijde van het station te herwaarderen. De stad wil in samenwerking met bewoners, investeerders en publieke partners een gedragen visie en actieplan voor de wijk ontwikkelen om te komen tot een wijk die de verbinding tussen station en stad echt voelbaar maakt.
Stationsomgeving in Mol
Het projectgebied omvat het Statieplein en het begin van de Hangar- en Statiestraat, de stelplaats van De Lijn, het pleintje aan de Corbiestraat en het gebied ten noorden van het spoor. Deze plekken zijn vandaag slecht verbonden en functioneren los van elkaar. De openbare ruimte wordt als onaangenaam en onduidelijk ervaren. Er liggen opportuniteiten dankzij de vergunde tunnel tussen het Statieplein en Keirlanse Zillen, de geplande woonprojecten en de ligging van het station als knooppunt voor regionale treinen, bussen en fietssnelwegen. De gemeente wil een toekomstvisie ontwikkelen met aandacht voor onder meer de publieke ruimte en de relatie met de omliggende dorpskernen.
Stationsomgeving Eeklo
De stationsomgeving in Eeklo wordt gekenmerkt door een versnipperde eigendomsstructuur, ruimtelijke inefficiëntie en een gebrek aan samenhang. Heel wat van de ruimte wordt onderbenut en maakt het gebied onaantrekkelijk. Nochtans fungeert de omgeving als een belangrijke toegangspoort tot de stad en als scharnier tussen de stadskern, de woonwijken en de regio. De herontwikkeling van het gebied zorgt voor heel wat kansen om de bestaande mobiliteitsinfrastructuur te herdenken, de ruimte beter te benutten en verandering op gang te brengen die bijdraagt aan een innovatieve, duurzame en toekomstgerichte stadsstructuur. Het biedt kansen om het stedelijke weefsel te versterken, onder meer via architecturale projecten met publieke en private partners en de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving te verhogen. Er is tegelijk de ambitie om er een regionaal knooppunt van te maken voor reizigers via het STOP-principe.
Prinskouter in Ronse
De wijk Prinskouter is een typisch historische arbeiderswijk met verlaten textiel fabriekspanden. Het gaat om een industriële gemeenschap die zich tot op vandaag als één geheel laat aanvoelen. Het is tegelijk één van de meest kansarme wijk van Ronse met 873 woningen waarvan 80% voor 1946 werd gebouwd. Heel wat van die woningen verkeren in heel slechte staat. De stad Ronse wil onderzoeken hoe je de leef- en woonkwaliteit kan opkrikken. Dat omvat de invulling van de publieke en private ruimte, mobiliteit en kwalitatieve huisvesting. Een grondig en innovatief woononderzoek is nodig, rekening houdend met een beeldbepalend karakter van de huizenrijtjes. De stad gaat op zoek naar een positief verhaal dat een dialoog creëert tussen de arbeiderswoning en de textielsite.
Bouwblokboost in Gent
De bouwblokvisie van de stad Gent vormt de leidraad voor nieuwe projecten in de dichtbevolkte wijken van de binnenstad. De stad wil in die wijken ook meer groen en publieke ruimte. De 19de-eeuwse gordelwijk Sluizeken-Tolhuis-Ham telt heel wat verouderde bouwblokken die moeilijk kwalitatief te krijgen zijn. Tegelijk liggen binnen er binnen een afstand van 500 meter een aantal grote sites die opnieuw zullen worden ontwikkeld. Samen met de private sector, sogent, huuringent en thuispuntgent wil de stad onderzoeken hoe ze de sites kan gebruiken als schuifruimte om de verouderde blokken in de wijk te vernieuwen. Het onderzoek gaat onder meer over het ontwikkelingspotentieel van een bouwblok, de juridische en financiële haalbaarheid, wie zijn de bewoners en wat is hun draagkracht en is er interesse vanuit projectontwikkelaars.
Stadsregionale boulevards in Antwerpen
De stadsregionale boulevards die in Antwerpen verbinden met haar randgemeenten zijn historische dragers van stedelijkheid. Maar ze zijn gaandeweg hun rol kwijtgespeeld. Er is namelijk een verscheidenheid van functies die niet op elkaar zijn afgestemd met vaak verouderde woonblokken, grootschalige baanwinkels, kleinschalige handel of industriegebieden. De openbare ruimte is voornamelijk ingericht in functie van het verkeer. Het streefdoel is hier om een samenhangende en leesbare stedelijke ruimte te creëren met een hoogwaardige bereikbaarheid van voorzieningen en de opportuniteiten te onderzoeken voor nieuwe bouwmogelijkheden en een verhoogde beeld- en belevingskwaliteit. Het onderzoek zou na een vergelijkende quickscan van de verschillende boulevards mogelijk op de Bisschoppenlaan als testcase kunnen inzoomen om tot een herwaarderingsplan te komen.