Vlaams minister Hilde Crevits breidt gratis screening op aangeboren aandoeningen uit met SCID

Publicatiedatum

Deel dit artikel

Meer dan 99% van de baby’s in Vlaanderen wordt gescreend op aangeboren aandoeningen. Door deel te nemen aan het screeningsprogramma kunnen zeldzame ziekten bij baby’s sneller opgespoord en behandeld worden. Sinds mei 2023 is het screeningsprogramma uitgebreid met 2 erfelijke stofwisselingsziekten: ‘homocystinurie’ en ‘holocarboxylase synthetase deficiëntie’. Vanaf 1 december 2024 komt de screening naar SCID, een ernstig gecombineerde immuunstoornis, daar nog bij. In totaal worden er sinds het originele screeningsprogramma nu 7 bijkomende zeldzame ziekten opgespoord. Vlaams minister Hilde Crevits investeert hierin dit jaar ruim 1 miljoen euro extra.

Bevolkingsonderzoek Aangeboren Aandoeningen

Alle ouders van pasgeboren baby’s in Vlaanderen kunnen in een bloedstaal van hun kindje gratis en vrijwillig aangeboren aandoeningen laten opsporen binnen het Bevolkingsonderzoek Aangeboren Aandoeningen.  Het screeningsprogramma bestaat al vele jaren en is misschien beter gekend als de vroegere ‘hielprik’. Met een klein bloedstaal wordt er gescreend op zeldzame aandoeningen waarvoor vroegtijdige behandeling een groot gezondheidsvoordeel biedt. Zo kunnen plotse overlijdens, ernstige handicaps of chronische ziektes worden voorkomen of kan het ziekteproces afgeremd worden.

“We mogen echt trots zijn op het screeningsprogramma dat we hier in Vlaanderen gratis aanbieden. Door de vroegtijdige opsporing, kunnen we voor veel kinderen, ouders en gezinnen toch nog een groot verschil maken en meer levenskwaliteit bieden. Ik ben heel tevreden dat we eind dit jaar ook SCID aan het screeningsprogramma kunnen toevoegen en zo meer kinderen tijdig kunnen behandelen en opvolgen. In totaal spoort het bloedprikje nu 19 zeldzame ziekten op en we blijven onderzoeken of daar in de toekomst nog ziekten kunnen bijkomen.”

Bijna alle pasgeboren baby’s in Vlaanderen worden gescreend op aangeboren aandoeningen, dankzij de inspanningen van de materniteiten, vroedvrouwen en screeningscentra. Zij zorgen ervoor dat mama’s en papa’s niet vertrekken zonder de nodige informatie en stimuleren hen om een staalafname te doen minstens 72 en hoogstens 96 uur na de geboorte.

Tot 2021 omvatte het screeningsprogramma de opsporing van 12 zeldzame ziekten. Sinds 2022 werd dit stapsgewijs uitgebreid met Tyrosinemie type 1, Tyrosinemie type 2, CPT1A en Spinale musculaire atrofie (SMA). Vorig jaar werden homocystinurie en holocarboxylase deficiëntie toegevoegd. Twee ernstige stofwisselingsziekten die, indien vroegtijdig opgespoord, behandeld kunnen worden.

Momenteel lopen er nog genetische tests zodat eind dit jaar ook de screening naar SCID (Severe Combined Immunodeficiency) kan worden toegevoegd. In totaal worden er sinds het originele screeningsprogramma nu 7 bijkomende zeldzame ziekten opgespoord. Om dit te realiseren, investeert Vlaams minister Hilde Crevits dit jaar ruim 1 miljoen euro extra. Dit boven op de bijna 2,3 miljoen euro basissubsidie voor de organisaties die het Bevolkingsonderzoek Aangeboren Aandoeningen uitvoeren. In totaal zal het screeningsprogramma eind dit jaar dus 19 zeldzame ziekten omvatten.

SCID

Bij kinderen met  SCID werkt een deel van de afweer niet goed waardoor ze makkelijker infecties krijgen. Meestal beginnen de klachten in de eerste maanden na de geboorte, maar soms ook pas later. De oorzaak van SCID is een afwijking in een gen. Hoeveel last iemand heeft van SCID kan van persoon tot persoon verschillend zijn. Zonder behandeling kunnen kinderen met deze ziekte overlijden voordat ze 2 jaar oud zijn.

De lijst van ziektes wordt samengesteld op basis van een gestructureerd evaluatieproces door experten. Zij bestuderen of een vroegtijdige opsporing van een bepaalde ziekte leidt tot betere prognose en kijken of er een werkzame en haalbare handeling beschikbaar is. Zij oordelen dan ook of het wenselijk en technisch haalbaar is om de ziektes te implementeren in het screeningsprogramma.

Meer informatie: https://aangeboren.bevolkingsonderzoek.be

Nieuws

Aantal meldingen van agressief of ongewenst gedrag stijgt fors binnen Vlaamse overheid: nieuwe regeling dat dossiers tijdelijk kan opschorten in geval van agressie voortaan van kracht

Het aantal meldingen van ongewenst gedrag van derden tegenover personeelsleden van de Vlaamse overheid steeg met 60%. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van Vlaams minister van Bestuurszaken Hilde Crevits. De minister wil daarom strenger optreden: indien overheidspersoneel wordt geconfronteerd met agressie van burgers, kan er voortaan onmiddellijk en kordaat op worden gereageerd door het voorval uitdrukkelijk mee te nemen bij de beoordeling van het dossier van de betrokken persoon. De regeling werd vastgelegd in het nieuw Vlaams Dienstverleningscharter van de Vlaamse overheid en werd deze week via een omzendbrief gecommuniceerd naar alle entiteiten. 

Crevits ondersteunt lokale besturen voor sociale cohesie en betere integratie

Vlaams minister van Integratie en Inburgering Hilde Crevits investeert 11,8 miljoen euro in organisaties die lokale besturen ondersteunen bij het versterken van de lokale sociale cohesie en integratie. Alle Vlaamse steden en gemeenten kunnen de komende drie jaar gratis gebruik maken van hun expertise. De focus ligt op werk, onderwijs, Nederlands als verbindende taal en de participatie van kwetsbare groepen aan de samenleving.

Crevits wil duidelijke regels rond ‘crematietoerisme’

Vlaams minister van Binnenland Hilde Crevits wil de praktijk waarbij lichamen van overledenen vanuit Vlaanderen naar Nederland door Vlaamse uitvaartondernemers worden vervoerd voor een zogenoemde ‘technische crematie’ grondig bekijken en hierover duidelijke regels opnemen in het nieuwe Vlaamse decreet op de lijkbezorging. Bij zo’n technische crematie wordt het lichaam van een in Vlaanderen overleden persoon in het buitenland gecremeerd, waarna de as opnieuw naar Vlaanderen wordt gebracht voor de uitvaart of de asbestemming. Volgens de minister roept die praktijk belangrijke juridische en maatschappelijke vragen op. Dat heeft ze geantwoord op een vraag van Katrien Schryvers in de commissie in het Vlaams Parlement.